Voor Evelien, en die 20.081 andere verkeersdoden

 
Evelien, die maandag slachtoffer werd van een dodehoekongeval op het kruispunt van de Plantin en Moretuslei en Simonsstraat in Antwerpen, wordt vandaag begraven. Ik heb haar niet persoonlijk gekend. Mijn jongste dochter kende haar wel. En aan de reacties van Eveliens vrienden en vriendinnen heb ik weer ervaren hoe aangrijpend het verlies kan zijn van iemand die je kende – of meer nog liefhad – en in het verkeer gedood wordt.
 
Op hetzelfde kruispunt stierf 21 jaar geleden in vergelijkbare omstandigheden een andere fietser: ook een Borgerhoutenaar. Die was toen 40. In een Borgerhoutse Facebook-groep stelt zijn dochter bij de vraag of de wonde bij deze tragedie nu niet weer opengereten wordt: “Nee, het ongeval van die jonge fietsster haalt geen oude wonden open, die wonden zijn nooit geheeld. Zelfs niet na 21 lange jaren.” Extra pijnlijk is het vast te stellen dat die Bob Dries, die er twee decennia geleden doodgereden werd, een in fietserskringen bekende activist was voor meer verkeersveiligheid.
 
        Veiligheid heeft zijn prijs. Ook in het dagelijks verkeer. Aan verkeers­lichten. Of als die parkeerstrook opgeofferd moet worden voor de aanleg van een fietspad
 
 
Onnodige en vermijdbare dood
 
Verkeersveiligheid is een van mijn professionele kennis- en werkdomeinen. Ik geef er in binnen- en buitenland les over en bijscholingen, doe er onderzoek over en heb honderden ontwerpen beoordeeld als verkeersauditor. Omdat de dood van Evelien me aangreep, heb ik een aantal oude en nieuwe statistieken bij mekaar gezocht: ik kom zo aan 20.081 verkeersdoden die er in de 27 jaar die ze geleefd heeft gevallen zijn op de Vlaamse wegen.
 
Dit duizelingwekkende getal en de emotie bij de onnodige en vermijdbare dood van Evelien zou ik kunnen aangrijpen om een ‘j’accuse’ aan de betrokken instanties en beleidsverantwoordelijken te formuleren. Want zoals we al twee decennia weten hoe gevaarlijk dat kruispunt van de Plantin en Moretuslei en de Simonsstraat is voor fietsers, weten we dat van heel wat situaties in Vlaanderen. En we weten ook dat die verkeersonveiligheid structureel is, ingebakken zit in hoe we het verkeer en straten, wegen en kruispunten organiseren in Vlaanderen. Maar zeggen dat verkeersveiligheid geen prioriteit is, zou onrecht aandoen aan de vele mensen die dat in hun beleid of beroepspraktijk wel doen.
 
Maar het is wel onvoldoende een prioriteit. En er is onvoldoende sense of urgency: getuige de reactie van de verantwoordelijke wegbeheerder die een aanpassing van het kruispunt en de lichtenregeling in het vooruitzicht stelt... in 2019. Zo is het en blijft het gepland. Business as usual. Getuige ook de oorverdovende stilte tot nu toe bij de politiek verantwoordelijken. Althans, ik heb de minister of de burgemeester of verantwoordelijke schepen van Antwerpen (nog?) niet gehoord.
 
Ik wil dus bij deze oproepen om verkeersveiligheid meer prioriteit te geven. Om urgentieteams in het leven te roepen die bij elk dodelijk verkeersongeval ter plaatse gaan om een oplossing te formuleren, en die dan ook zo snel als mogelijk te implementeren. Om als er gekozen moet worden tussen doorstromingskwaliteit voor het autoverkeer of veiligheid voor fietsers de keuze te maken voor die kwetsbare groep.
 
 
Het Gentse lussenplan
 
Conflictvrije verkeerslichtenregelingen voor het links afslaande autoverkeer zijn sinds enkele jaren de standaard geworden op de kruispunten met gewestwegen. Doe dit ook voor het rechts afslaande autoverkeer om het conflict met fietsers en voetgangers te vermijden. Laat die auto’s zo nodig wat langer wachten. Aan de check-in in de luchthavens staan we sinds de terreurdreiging omwille van onze veiligheid toch ook in de file? Veiligheid heeft zijn prijs. Ook in het dagelijks verkeer. Aan verkeerslichten. Of als die parkeerstrook opgeofferd moet worden voor de aanleg van een fietspad. In Kopenhagen en Oslo bijvoorbeeld doet men dat consequent: als op een invalsweg of in een hoofdstraat gekozen moet worden tussen fietspad of parkeerstrook, kiest men voor het fietspad.
 
En vooral: verminder de overdruk van het autoverkeer in stads- en dorpskernen. Modal shift, autoluwe gebieden, zone 30: we kennen de technieken. In Gent leidde de invoering van het lussenplan in het centrum in combinatie met zone 30 tot een daling van het aantal ongevallen met een kwart. In Nederland is door een volgehouden verkeersplanning en verkeersinrichting die doordrenkt is van verkeersveiligheidsbekommernissen de kans om doodgereden te worden in het verkeer de helft kleiner dan in Vlaanderen. Het kan dus.
 
Dirk Lauwers, verkeersdeskundige aan de Universiteit Gent.

 

De Morgen, 2017-10-07

https://www.demorgen.be/opinie/voor-evelien-en-die-20-081-andere-verkeer...

Tags: