Flashback naar 1958: nieuwe snelweg E313 was al van bij de start een zorgenkindje

kade rechteroever

 

Herentals - Het is dit jaar precies zestig jaar geleden dat koning Boudewijn met een vrolijke optocht het allereerste afgewerkte deel van de E313 tussen Wommelgem en Grobbendonk (Herentals-West) feestelijk inreed. Vandaag kennen we de E313 vooral van de dagelijkse files richting Antwerpen en de zware ongevallen die er gebeuren. Vroeger was het beter? Niet bepaald, zo leert de geschiedenis van deze snelweg.

De E313 is – alleszins in theorie - een snelle verbinding tussen Luik en Antwerpen. Maar het heeft niet veel gescheeld of de Kempenaars hadden helemaal niets te kankeren over deze Koning ­Boudewijnsnelweg. Toen de overheid eind jaren veertig voor de eerste keer begon na te denken over hoe ze het toenemende zware vrachtvervoer tussen de twee industriesteden en bij uitbreiding het Duitse Ruhr­gebied vlotter kon laten verlopen, lag een alternatieve route op tafel.

“De snelweg moest er komen omdat de steenwegen in de Kempen op termijn onvoldoende zouden zijn voor het verkeer tussen de industriezones”, zegt Rien van de Wall, die als historicus tijdens zijn studies een eindwerk maakte over de geschiedenis van het Belgische snelwegennet. “Walen en Brusselaars wilden het tracé tussen Antwerpen en Luik liever via de hoofdstad en niet via de Kempen laten verlopen. Het zou goedkoper zijn, omdat er op dat moment met de A12 al een snelle verbinding was tussen Brussel en Antwerpen.”

Knik in Ham

Het duurt vervolgens nog tot 1956 vooraleer toenmalig minister van Openbare Werken Omer Vanaudenhove de knoop doorhakt en beslist om het tracé door het zuidelijke deel van de Kempen te trekken. De economische ontwikkeling van Limburg (zie kader) en vooral de ontsluiting van de legerbasis in Leopoldsburg vormen daarbij de doorslaggevende argumenten. Het verklaart meteen waarom de E313 pas in Ham plots de knik richting zuiden maakt. Zijn inschatting dat de aanleg van de snelweg twaalf maanden zou duren, geeft aan dat voor de minister geen alternatieve carrière als madame Soleil is weggelegd. Pas op 6 november 1964, acht jaar na de eerste spade­steek in Wommelgem, schudt koning Boudewijn aan de grenspost in Eynatten de hand van de Duitse bondspresident Lübke. De aanleg gebeurt in afzonderlijke wegvakken, waarbij het stuk tussen Wommelgem en Herentals-West (Grobbendonk) als eerste aan de beurt komt. Nadat het in 1958 is afgewerkt, komt de verbinding met Ham aan de beurt.

Vloek van E313

Achteraf beschouwd lijkt er wel een vloek over de aanleg van de tweede autostrade van het land te hangen. Vangrails en wegverlichting kent de snelweg niet tot ergens in de jaren zeventig, de middenberm is gewoon een opgehoogde zandwal. Het zijn vooral de gebruikte betonplaten die al snel voor problemen zorgen. Die variëren in lengte van zeven tot tien meter, waarbij de wegvoegen niet op dezelfde afstand van elkaar liggen. Dat is vooral met het oog op de geluidsoverlast gedaan. Het voornaamste probleem is dat het wegdek is berekend op het weinige verkeer van de jaren zestig. Dat levert in de volgende decennia onherroepelijk problemen op wanneer met het vrachtverkeer ook het gewicht van de vrachtwagens toeneemt. De betonnen platen breken doormidden of vertonen scheuren, om in de zomerhitte omhoog te komen.

De toestand is zo erg dat auto’s bij de vleet spatborden, wiel­deksels en uitlaten verliezen. De hobbelige E313 krijgt al snel de bijnaam van abortusweg. “Het was gewoon de slechtste snelweg van ons land, tot de E313 in de jaren negentig een facelift krijgt.”

Brug stort in

De slechte staat van het gebruikte materiaal zorgt al veel eerder voor een tragedie. Op 13 november 1966 stort de brug over het Netekanaal in Pulle (Zandhoven) in. De brug is op dat moment acht jaar oud, maar amper twee jaar effectief in gebruik. Onderzoek brengt aan het licht dat de brugpijlers te kort zijn. Door ontgronding van de kanaaloevers verloren ze hun draagkracht. De gevolgen zijn dramatisch: acht auto’s storten in het Netekanaal, met twee dodelijke slachtoffers en zeventien gewonden tot gevolg. De buschauffeur van de harmonie Sint-Cecilia uit Kuringen bij Hasselt kan in tegenstelling tot zijn voorligger nog tijdig remmen en een fatale duik vermijden. Het duurt anderhalve maand voor het verkeer over een noodbrug kan passeren. Op een definitieve nieuwe brug is het wachten tot 1968, twee jaar na het ongeval.

En de files? “De E313 is de eerste snelweg in ons land die tijdens spitsuren het slachtoffer wordt van verkeersfiles”, stelt historicus Rien van de Wall. “Ter hoogte van Wommelgem duiken ze rond 1985 sporadisch op.” Intussen zijn die het grootste leed van de weggebruiker te noemen, al heeft dat net zoveel met de groei van het verkeer (zie tabel) als met de staat van de infrastructuur te maken.

Flashback naar 1958: nieuwe snelweg E313 was al van bij de start een zorgenkindje

 

Economische ontsluiting Kempen? Ja, maar bedrijven staan nu elke dag in de file

Een van de doelen bij de aanleg van de Koning Boudewijnsnelweg in de jaren 50 en 60 is de economische ontsluiting van Limburg en de Kempen. Dat is slechts ten dele geslaagd.

Zoals in het hoofdverhaal aangehaald wordt, beslist toenmalig minister van Openbare Werken Omer Vanaudenhove om de E313 via Limburg in plaats van via Brussel te sturen. Zijn idee: het helpt de economische ontsluiting van Limburg en de Kempen. Want in die periode zijn de steenkoolmijnen nog volop actief en een snelle verbinding naar de haven van Antwerpen zou de verdere ontplooiing in de hand kunnen werken.

Het pakt anders uit, stellen experts later vast. “Voor Limburg heeft de snelweg eigenlijk een omgekeerd effect”, stelt transportspecialist professor emeritus Gust Blauwens in een analyse.

Verkeerd uitgedraaid

“De E313 heeft er samen met het Albertkanaal voor gezorgd dat er goede vervoersmogelijkheden waren voor de ontgonnen kolen. Waardoor de verwerkende industrie zich dus niet noodzakelijk in de buurt van de mijnen zelf moest vestigen. Dat is dus verkeerd uitgedraaid voor de industriële ontplooiing van Limburg.”

Voor de Kempen betekende die parallelle as van E313 en Albertkanaal wel een economische zegen: de strook tussen de twee vervoerslijnen is te smal om er deftige bewoning uit te bouwen – het Geelse dorpje Stelen vormt daar de uitzondering op de regel –, maar ze is precies ideaal om er industrie in te planten. Zo ontstond het huidige Economisch Netwerk Albertkanaal, van Wijnegem over de Kempen tot helemaal aan de Nederlandse grens met Limburg.

Ironisch: de bedrijven zijn er op Kempense bodem, maar het is precies de E313 die voor de economische ontwikkeling moest zorgen, waar nu het schoentje knelt. “Als je in Geel de snelweg op rijdt, kom je al meteen in een flessenhals terecht”, zegt Renilde Craps van Voka Kempen-Mechelen. Het mag dan niet verwonderlijk zijn dat precies het Kempense ondernemersplatform enkele jaren geleden het voortouw nam om bij Vlaamse mobiliteitsminister Weyts aan te dringen op een snelle realisatie van de Oosterweelverbinding. Onder de 6.600 ondertekenaars van die petitie zaten heel wat Kempense bedrijfsleiders. ”De frustraties bij hen waren heel groot, omdat de files vanuit Antwerpen dagelijks tot in de Kempen reiken.”

Een derde rijstrook op de E313? Volgens onderzoekers van de UGent “zou de muur van vrachtwagens alleen maar nog dikker worden”.

 

Gazet van Antwerpen, 2018-03-12

https://www.gva.be/cnt/dmf20180312_03404869/flashback-naar-1958-nieuwe-s...

Tags: