'Ik ben een van de laatste Belgische verankeraars'

kade rechteroever

 

Dit jaar dreigde Belgiës grootste bouwgroep Besix in buitenlandse handen te belanden. Topman Johan Beerlandt kon daar echter een stokje voor steken. In een openhartig gesprek vertelt de zestiger over de toekomst van zijn discrete multinational en zijn eigen opvolging. 'Waarom zou ik verkopen? Miljardair spelen interesseert me niet.'

Het bijna afgelopen jaar was er voor Johan Beerlandt (66), de topman van Besix, een om niet licht te vergeten. In april kreeg hij een brief van zijn Egyptische partner Nassef Sawiris waarin die meldde dat hij zijn belang in Besix - goed voor 50 procent van de aandelen - wou verkopen. Meteen rees de vraag of Beerlandt en zijn management, die Belgiës grootste bouwbedrijf controleren, ook niet bereid waren hun belang van de hand te doen.

De kranige Belg weigerde halsstarrig. 'Dit bedrijf is mijn leven. Ik ben een van de laatste Belgische verankeraars.' Er volgde een maandenlange interne strijd, waarin allerlei scenario's voor een gedeeltelijke of volledige verkoop werden afgetast. Vorige maand gooide de Egyptische miljardairsfamilie de handdoek in de ring. Het plan werd afgeblazen.

Een uitverkoop van de Belgische bouwreus Besix - specialist in grote projecten, goed voor 2,5 miljard euro omzet en met 18.000 werknemers actief in 17 landen - is daarmee op korte termijn afgewend. Maar in een opvallend open gesprek ontkent een ontspannen Beerlandt niet dat zijn relatie met de familie Sawiris is bekoeld. 'We spreken

elkaar veel minder.' elkaar veel minder.'

Hoe moet het nu verder met de multinationale groep, die wereldfaam verwierf met de bouw van de Burj Khalifa in Dubai, de hoogste toren ter wereld? 'Dat zal de toekomst uitwijzen', zegt de topman. 'Maar de komende twee jaar wordt niet meer gesproken over een verkoop van dit bedrijf.'

Waarom de zaak niet verzilveren?

Johan Beerlandt: 'Dan zijn we ten dode opgeschreven. Dan worden we vazallen. Als Besix zijn Belgische identiteit verliest en verkocht wordt aan een buitenlandse groep, krijgen we enkel nog orders uit een verre hoofdstad. Ik zie dat niet zitten. Het zou ook verraad betekenen tegenover al mijn medewerkers. We zijn niet voor niets in 2004 zelfstandig geworden door ons met het management uit te kopen bij de Belgische Betonmaatschappij. We wilden toen verhin- deren dat een Franse groep ons overnam.'

Was u dan verrast door de verkooppoging van uw Egyptische partner Nassef Sawiris?

Beerlandt: 'Niet helemaal. Ik wist dat dit zou gebeuren. Er gaat een hele geschiedenis aan vooraf. Hij heeft het recht om zijn participatie te verkopen. Maar hij kan niet de controle verkopen. Het management van Besix heeft via Manco Investment Company (MIC) 50 procent van de stemmen. Ik bezit de kleine helft - circa 48 procent - daarvan. Bij staking van stemmen of in geval van verdeeldheid onder de aandeelhouders heb ik het laatste woord.'

Klopt het dat u bereid was alle aandelen te verwerven?

Beerlandt: 'We stonden klaar met MIC om het aandelenpakket van Sawiris over te kopen. De voorbije jaren hadden we onszelf daarom geen dividend uitgekeerd. We waren zelfs bereid ons daarvoor opnieuw in de schulden te steken. Een tweede managementbuy-out dus, zoals in 2004. Hij vroeg daarvoor een bepaald bedrag, ik heb een tegenbod gedaan, maar we zijn niet tot een akkoord gekomen.'

Hoe hoog was dat bod?

Beerlandt: 'In 2004 is er 135 miljoen euro betaald voor Besix. Die waardering is intussen maal acht gegaan: dus circa 1 miljard euro voor 100 procent van de aandelen. Maar ik vind niet dat dit de juiste verhouding weerspiegelt voor het belang van mijn Egyptische partner. Er zit op zijn minst een non-controlling discount op zijn aandelen.'

Is dat geen lastige situatie? U hebt een belangrijke medeaandeelhouder die weg wil, maar niet kan.

Beerlandt: 'Dat zal de toekomst uitwijzen. Het proces van de verkoop dat in gang was gezet, wordt nu gestopt. We hebben een gentleman's agreement bereikt. De volgende twee jaar wordt er niet meer over een verkoop gesproken. En vanaf 2016 evalueren we opnieuw hoe het verder moet. Samen of gescheiden.'

Heeft die zaak uw onderlinge relatie vertroebeld?

Beerlandt: 'Het is niet meer als voorheen. Vroeger waren we onafscheidelijke maten - des potes, zoals ze in het Frans zeggen. Nu spreken we elkaar veel minder. De dag waarop hij me die brief stuurde, was niet mijn leukste. Hij is kwaad omdat ik niet wou meewerken aan een volledige verkoop van Besix. Maar ik zag dat niet zitten. Toch niet met mezelf aan het roer. Ik kon volledig uitstappen, maar wat zou ik dan doen? In Saint-Tropez rondlopen, aan iedereen tonen hoeveel miljoenen ik heb en dan een voetbalclub kopen?' (lacht)

Waren er kaderleden van Besix die liever hadden verkocht?

Beerlandt: 'Een 60-tal kaderleden zijn nu medeaandeelhouder bij MIC (vrijwel allemaal Belgen, red.). Enkelen hadden inderdaad liever gecasht. Ze zagen de miljoenen al voor hun neus dansen. De plotse promotie van loontrekkende naar kapitaalbezitter, dat doet wat met een mens. Mijn Egyptische partner dacht mijn kaderleden wellicht met een verkoopproces te overtuigen. Maar hij heeft buiten de waard gerekend. Ik heb hen ervan overtuigd dat niet te doen.'

Was er ook bezorgdheid over uw opvolging bij Besix? U ben al 66.

Beerlandt: 'Er werd aangedrongen op een

successieplan. Daarin hebben ze gelijk. Het plan voor de opvolging is klaar. Het is de bedoeling dat ik de functie van Jean Stéphenne (voorzitter van de raad van bestuur, red.) binnenkort overneem en een CEO in mijn plaats laat benoemen. Een interne kandidaat.'

Hoe ziet de timing van die wissel eruit?

Beerlandt: 'Op mijn 70ste zal ik niet meer op deze stoel zitten. We gaan ook een brede reorganisatie doen, waarbij de jongeren bevorderd worden tot functies van algemeen directeur. De oudere kaderleden zullen een stap opzij doen. Maak je geen zorgen over mijn opvolging. Dat komt in orde. Als ik morgen doodval, dan heeft dit bedrijf binnen een week mijn opvolger klaar.'

Waarom Besix per se Belgisch houden?

Beerlandt: 'Omdat onze ondernemingsgeest een typisch Belgisch recept is. Die enorme gedrevenheid en werklust, dat zit in onze genen. Dit bedrijf bestaat al 105 jaar. We hebben hier interne processen en technieken die je nergens anders vindt. En als we die waarden verliezen, zullen we niet meer dezelfde resultaten boeken.'

U klinkt als een van de laatste Belgische verankeraars.

Beerlandt: 'Het kan belachelijk overkomen, maar ik voel me daar goed bij. Dit bedrijf is mijn leven. Waarom verkopen?'

U wilt ook het voetbalstadion in Brussel bouwen. Hoe groot zijn uw kansen?

Beerlandt: 'Heel groot. We zijn van de drie kandidaten (Besix en de consortia rond BAM/Ghelamco en Denys, red.) de enige volledig Belgische partij. Ik zou het geen nationaal stadion noemen. Het wordt een Anderlechtstadion. Het is mogelijk een en ander te realiseren zonder substantiële subsidies van de overheid als bepaalde randvoorwaarden zijn vervuld.'

U bent supporter en medeaandeelhouder van Anderlecht. De club liet u ook al diverse bouwprojecten uitvoeren. U zit dus in een gouden zetel.

Beerlandt: 'Nee, ik speel het spel correct. We zijn volkomen open en transparant in onze aanpak. We gaan ervan uit dat ons voorstel op basis van zijn merites beoordeeld wordt. We doen niet aan lobbying. Een project als Burj Khalifa in Dubai, het hoogste torengebouw ter wereld, is een visitekaartje. Het bewijst dat we ambitieuze en iconische projecten tot een goed einde kunnen brengen.'

Is de timing voor het stadion in Brussel nog haalbaar?

Beerlandt: 'Als de opdracht niet tegen februari toegewezen wordt, mogen we het vergeten. Het zal een moeilijke bevalling worden. Er kunnen nog veel juridische obstakels opduiken. Maar ik denk dat het kind geboren kan worden.'

U verliest niet graag.

Beerlandt: 'Dat is juist. Ik zou zeer ongelukkig zijn als we de opdracht in Brussel niet krijgen. Ik heb al twee keer een zenuwinzinking gehad in mijn leven. Telkens na het verliezen van een project. Je bent maandenlang heel intensief bezig met de voorbereiding ervan, je team werkt dag en nacht, je bent ervan overtuigd dat je de opdracht binnenhebt, je trekt de champagne open, je gaat vieren met je medewerkers en dan komt het bericht dat de opdracht niet is toegewezen. Ik voel me dan een onnozelaar. Volkomen machteloos. Iedereen bekijkt je dan met een blik van: 'Allez baas, hoe komt het nu dat we dit niet hebben?' Tweemaal moest ik daardoor een week thuis uitzieken. Ik was volledig geblokkeerd. Het negativisme dat me toen in zijn greep had, kon ik alleen maar ondergaan. Maar met de leeftijd heb ik die tegenslagen leren relativeren.'

Gelooft u nog in Oosterweel, een ander Belgisch project waarbij u al jaren betrokken bent?

Beerlandt: 'Ik ben zwaar ontgoocheld in het gebrek aan politieke moed in dat dossier. Besix maakt deel uit van het bouwconsortium Noriant, dat in 2007 als enige kandidaat werd geselecteerd om het Oosterweeltracé te bouwen. In 2009 vroegen we daarvoor een bouwvergunning aan. Alles was ondertekend en dan is dat onnozel referendum er gekomen, waardoor het project op de lange baan is geschoven. Toenmalig minister-president Kris Peeters (CD&V) had gewoon moeten beslissen: 'We gaan ermee door.' Dat referendum was niet bindend. Er zijn altijd alternatieven en het kan altijd beter, maar finaal moet je knopen doorhakken. (Zucht) Passeert u soms langs Antwerpen? Dat is dramatisch, hé. Ik vrees dat het Oosterweeldossier niet meer in mijn leven gerealiseerd zal worden. We hebben het nooit in ons orderboekje opgenomen.'

Nooit spijt gehad dat u in 2004 niet alle aandelen van Besix hebt gekocht?

Beerlandt: 'Nee. Het doel is bereikt. De omzet is verdrievoudigd tot 2,3 miljard euro, de rendabiliteit is maal zes gegaan en Besix telt nu 18.000 medewerkers. Als we 100 procent hadden kunnen verwerven, hadden we dat zeker gedaan. Maar we hadden geen middelen om dat te kopen. Ik beklaag het me niet.'

Als u 70 wordt, waar staat Besix dan?

Beerlandt: 'Mijn ambitie is toch om binnen vijf jaar een omzet van 4 tot 5 miljard euro te bereiken, met eenzelfde rendabiliteit. Door nog meer geografisch uit te breiden, bijvoorbeeld in Australië, en te groeien in vastgoedprojecten - we realiseren nu al 400 woningen per jaar - en in grote parkeer- en waterconcessies.'

Hoe groter het bedrijf wordt, hoe hoger de prijs die u uw Egyptische partner moet betalen om hem uit te kopen.

Beerlandt: 'Juist. Maar hoe meer je waard bent, hoe groter de financiële hefboom ook om de ander uit te kopen. Dus alles is relatief. Mijn doel is de controle over de maatschappij te behouden. Miljardair worden is niet mijn levensdoel. Het is wel dat van Nassef Sawiris.'

Staat het niet in de sterren geschreven dat er ooit een beursgang komt om zijn exit te financieren?

Beerlandt: 'Als het van mij afhangt, liever niet. Ik ben niet gemaakt om op de beurs te staan. Ik heb daarvoor een te groot bakkes. Maar als mijn Egyptische partner naar de beurs wil, mag ik me daar niet tegen verzetten. Dat staat in ons

akkoord. Hij heeft dat nog niet gedaan, omdat hij denkt dat er een discount zou komen op de waardering. Hij vindt dat Besix niet sexy genoeg is. Dat is zijn oordeel, niet dat van Vincent Van Dessel (de topman van de Brusselse beurs, red.), noch dat van mijn bankiers.'

Was 2014 een zwaar jaar?

Beerlandt: 'Ik voel me geestelijk wel een beetje uitgeput. Het waren slopende maanden. Maar ik denk dat onze keuze de juiste is: ik ben nu 40 jaar actief in dit bedrijf. Ik heb er veel meegemaakt, zowel ups als downs. Ik denk dat ik iets heb bijgedragen. Als we nu verder kunnen groeien als autonome groep, heb ik wellicht een borstbeeld verdiend.' (lacht)

BIO JOHAN BEERLANDT

4 april 1948: geboren in Nieuwpoort.

1974: begint te werken voor de Belgische Betonmaatschappij.

1988 tot 1993: directeur van Six Construct, dochter van de groep.

2004: doet samen met twaalf andere managers een managementbuy-out en verzelfstandigt het bedrijf tot Besix.

BESIX

Omzet: 2,3 miljard euro (2013).

Ebitda: 122 miljoen euro (2013).

Werknemers: 18.000, verspreid over 17 landen. 2.000 in België.

BESIX EN ZIJN MILJARDAIRSFAMILIE

De Egyptische familie Sawiris, die in 2004 de managementbuy-out van Johan Beerlandt en zijn managers hielp financieren en daardoor de helft van Besix bezit, is een van de rijkste zakenfamilies van Egypte. Ze controleert de Orascom-groep, een van de grootste concerns in het Midden-Oosten (de oliebusiness niet meegerekend).

De broers Naguib, Samih en Nassef Sawiris hebben elk hun eigen imperium. Naguib zit in telecom, Nassef in de bouw en Samih in vastgoed en hotelontwikkeling. De familie heeft nog steeds de meerderheid in de drie beursgenoteerde bedrijven. De broers hebben elk de meerderheid in hun eigen groep. Nassef Sawiris, de voorzitter van Orascom Construction Industries (OCI), heeft de Belgisch-Egyptische nationaliteit.

Net voor de financiële crisis verkocht OCI, dat genoteerd is op de beurs van Amsterdam, zijn cementtak aan de Franse bouwmaterialengroep Lafarge. Die betaalde achteraf bekeken veel te veel en moest talrijke activa verkopen, waaronder de gipsplatendivisie. Die werd overgenomen door de Belgische groep Etex.

PIET DEPUYDT EN PATRICK LUYSTERMAN ■

Bron : De Tijd, zaterdag 13 december 2014, pagina 18

Tags: