OpenRuimte AdemRuimte
De jaren zeventig.
Burgers worden mondiger en actiecomités schieten als paddenstoelen uit de grond.
Soms verdwijnen ze even snel als ze gekomen zijn, maar niet Red de Voorkempen.
Een van de eerste acties die naam waardig, afgezien van de al veel oudere actie voor het behoud van de Kalmthoutse Heide, was de strijd voor het behoud van het Noordkasteel in Antwerpen.
Het verzet werd daar onder meer aangetrokken door Roeland DIRKS, één van de eerste secretarissen van de Bond Beter Leefmilieu.
Intussen waren op de rechteroever al vier polderdorpen tegen de vlakte gegaan voor de uitbreiding van de Antwerpse haven: Lillo, Oorderen, Wilmarsdonk en Oosterweel.
Onze drukkingsgroep ontstond ook rond de havenproblematiek: de plannen voor de bouw van een kanaal voor de duwvaart, helemaal van Oelegem tot Zandvliet, 30 km lang, dwars doorheen de Voorkempen. Hoogtepunt van het protest tegen dit kanaal was een fietstocht in 1975 naar het kabinet van staatssecretaris voor Leefmilieu Karel POMA in Brussel.
Daar werden 85 000 handtekeningen afgegeven tegen de aanleg van het kanaal, ook al waren de onteigeningen al ten dele doorgevoerd.
Het kanaal ligt er niet, en het alternatief dat wij destijds voorstelden: een verbreding van het Albertkanaal, wordt nu (pas) uitgevoerd. Of: 40 jaar verloren tijd voor de haven van Antwerpen.
De strijd tegen het kanaal voor de duwvaart was dus het begin.
Binnen die 40 jaar zijn vele andere dossiers gevolgd.
We hebben ons vastgebeten in een hele reeks overheids- en privé-projecten: van verkavelingen tot (overbodige) wegenplannen en van een tweede spoorverbinding tot de afbraak van een volledig dorp Doel. Sommige gevechten hebben we verloren, vele andere hebben we gewonnen.
Als het provinciebestuur vandaag met veel inzet een regionaal landschap “De Voorkempen” op poten zet en dit project uitroept tot “de moeder van alle regionale landschappen in de provincie Antwerpen” dan heeft ze dat voor een flink stuk te danken aan Red de Voorkempen.
Wij hebben het voorstel destijds niet alleen bij de provincie voorgelegd (waar het eerst werd afgewezen), maar dank zij de jarenlange inzet van Red de Voorkempen werden belangrijke privé-domeinen, parken, bosgebieden en open landschappen behouden en is zo’n regionaal landschap vandaag dus nog mogelijk.
Want voor elke vierkante meter groene en open ruimte in de Voorkempen is ooit gevochten.
In de loop van zijn geschiedenis is Red de Voorkempen en al zijn aangesloten actiecomités actief geweest op vele terreinen.
Van de (Nederlandse en Vlaamse) afvaltransporten in de Antwerpse haven en in de kleiputten van de (Voor)kempen naar de bescherming van het Zoerselbos dat compleet verkaveld dreigde te worden, van het vermelde kanaal voor de duwvaart tot de acties tegen de aanleg van de Grote Ring die beide een rechtstreekse en massale aanslag dreigden te worden voor de hele Voorkempen, van talloze verkavelingen en illegale sportcentra naar verpestende slachthuizen, van de aanleg van crossterreinen tot het verzet tegen de uitbouw van grote industrieterreinen zoals De Keer in Wommelgem, van grootschalige verkeersinfrastructuur (reuzerondpunt te Wommelgem, tweede goederenspoorlijn, Oosterweelverbinding) naar de lawaai -, verkeers- en stankoverlast van (haven)bedrijven, van het Economisch Netwerk Albertkanaal naar het overleven van het dorp Doel: de lijst is lang, die van de verloren veldslagen is dat ook.
Maar doorgaans haalde Red de Voorkempen zijn slag thuis, dikwijls tot onze eigen verwondering.
Zelfs het feit dat de club na 40 jaar nog altijd bestaat en de sfeer van kameraadschap intact is gebleven, mag op zich al verbazingwekkend zijn.
“Jullie zijn overal tegen”. “Och, er is toch niks meer aan te doen.” “Ge kunt de welvaart niet stoppen”.
Het zijn maar enkele van de vele dooddoeners die we onderweg te slikken kregen.
Maar we hebben ze overleefd: vooral omdat wij, principieel, constructieve en positieve mensen zijn die opkomen voor de vele milieu- en natuurlijke waarden.
We hebben niet de neiging om met z’n allen achter de groene spuwbak plaats te nemen.
Er zijn vele motieven die een mens ertoe aanzetten om, samen met zovele anderen, het milieu, de natuur en het landschap te verdedigen, met inbegrip van de correcte plaats die de mens daarbij inneemt.
Respect voor oorspronkelijkheid is er één van.
Een onbaatzuchtige inzet voor zachte waarden is een tweede.
Respect voor de democratie, voor inspraak en samenspraak is er ook eentje dat kan tellen.
Voor Vlaams minister-president Kris Peeters komen grote investeringsprojecten zoals infrastructuurwerken en bedrijventerreinen niet snel genoeg van de grond.
Daarom richtte hij een expertencommissie op die moet onderzoeken hoe het sneller en efficiënter kan.
De minister-president spreekt zich uit tegen het aanslepen van grote projecten door beroeps- en inspraakprocedures. Het mag duidelijk wezen dat het beknotten van inspraakmogelijkheden niét de oplossing is.
Vertragingen worden niet veroorzaakt door de procedures op zich.
Peeters kan misschien beter de gebrekkige en te late inspraakmogelijkheden, trage politieke besluitvorming en slechte projectplannen aanpakken.
Maar wellicht is onze diepste motivering te zoeken in de rechten van de komende generaties: wij hebben de verdraaide plicht de eigen leefruimte van onze kinderen en kleinkinderen waarvan we zeggen dat we ze toch zo graag zien, zo leefbaar mogelijk te houden en ze zo aan hen door te geven. Het is dus een kwestie van liefde.
Maar dat is niet wat in feite gebeurt.
Sinds 1984 verbruiken we met z’n allen meer van de aarde dan die aarde zelf produceert. We zijn het leven zelf dus aan het vernielen.
Tot vandaag is Vlaanderen in het algemeen en Groot-Antwerpen met inbegrip van de Voorkempen in het bijzonder, één van de meest bedreigde streken ter wereld inzake open ruimte, luchtkwaliteit (zoals fijn stof), concentratie van chemische en petrochemische bedrijven, chaotische mobiliteit met allerlei verbindingen van vrachtwagens, goederentreinen en binnenschepen.
De spanning tussen leefmilieu en volksgezondheid, leefbare ruimte en leefbaarheid blijft enorm en plaatst ons ook vandaag nog altijd voor enorme uitdagingen, crisissen inbegrepen.
Jarenlang heeft één of ander zwaard van Damocles boven de streek gehangen: de dreigende aanleg van het kanaal, de aanleg van de Grote Ring, de A-102, het tweede goederenspoor (eerst gepland op het tracé van het kanaal voor de duwvaart, later op het tracé van de Grote Ring of de A-102): de jongste jaren hing er altijd een zware dreiging in de lucht.
Dat werkte verpletterend op de plaatselijke bevolking: hoe werd zij verondersteld van haar eigen streek te houden, als die voortdurend bedreigd werd door één of ander mega-project met massale landschappelijke vernielingen als gevolg ? Tientallen jaren lang werd de bevolking van de Voorkempen op die manier opgejaagd, er was altijd wel wat.
Vlaanderen, en vooral de Voorkempen, is de meest versnipperde en verkavelde regio van Europa.
Eén blik op de kaart zegt genoeg: dit is de regio van de ruimtelijke wanorde. Gezinnen verlaten de stad, het platteland verstedelijkt aan een hoog tempo, lange slierten lintbebouwing ontsieren het landschap, natuur staat onder druk.
In geen enkele andere Europese regio liggen wegen, woonwijken en industrie zo kriskras door elkaar.
Hoe is het zover kunnen komen?
Met de goedkeuring van het Ruimtelijk Structuurplan Vlaanderen eind jaren negentig kwam er een voorzichtige kentering op gang.
De overheid zou voortaan werk maken van een open en stedelijk Vlaanderen.
Maar er is nog een lange weg te gaan.
Bovendien ligt er een hele reeks plannen op tafel voor ondoordachte havenuitbreiding, verkeerd ingeplante bedrijvenzones, autogerichte shoppingcentra, overbodige autowegen en nieuwe verkavelingen op het platteland.
In veel van de nieuwe projecten liggen kiemen voor de milieu- en gezondheidsproblemen van de toekomst.
"Zet in op economische activiteiten die toenemende welvaart koppelen aan lagere milieudruk".
De industrie is uiteraard een onmisbare en uiterst welgekomen factor in de samenleving van vandaag en zij bezorgt ons veel noodzakelijke inkomsten en welgekomen comfort.
Maar zij staat ten dienste van de mens en niet omgekeerd.
Dat alles raakt de wortels van onze cultuur: de kunst van het samengaan en samenleven.
De bekwaamheid en de openheid van beide zijden om de spanningen tussen economie en ecologie, tussen wonen en open ruimte, tussen landbouw en natuur aan te kunnen en op een evenwichtige manier te behandelen.
Ecologie is een essentieel onderdeel van de economie, en de economie is in de eerste plaats gebouwd op spaarzaamheid en niet op verspilling en verkwisting.
Zoals een kwaliteitsvolle open ruimte met haar waarden inzake natuur, biodiversiteit en landschap onder meer de kwaliteit van de woonomgeving moet garanderen.
En zoals landbouw én natuur beide de beschermers zijn van de open ruimte, zonder dewelke hun beider voortbestaan niet mogelijk is.
Het heeft dus allemaal te maken met de grondwaarden van onze samenleving, met de essentie van onze beschaving en met het respecteren van een minimum-drempel aan kwaliteit waar we niet onder gaan.
En dat is de eerste en belangrijkste opdracht voor elke leefmilieuvereniging, voor elke politieke partij, voor elke landbouwer en voor elke industrie.
Wij zijn er van overtuigd dat een Vlaanderen welvarend, open en gezond kan zijn.
Op voorwaarde dat het land niet wordt overgelaten aan projectontwikkelaars alleen.
Daarom willen wij wijzen op risico’s en uidagingen waar we voor staan.
Laat ons land meer zijn dan de logistieke poort van Europa.
Zowel omwille van economische als ecologische redenen.
De voorbije decennia was de groei van onze havens gekoppeld aan de groei van onze industrie.
En dus van onze welvaart.
Vandaag staat groei van havens, als we niet opletten, voor toenemende containertrafiek: veel druk op milieu, gezondheid en open ruimte, in ruil voor weinig economische meerwaarde.
Het alternatief voor deze logistieke keuze bestaat: help klassieke industrieën te innoveren en zich hier te verankeren, zet in op nieuwe eco-industrieën en –diensten, op doorgedreven energiebesparing en groene energieproductie.
Bovendien is en blijft er in Vlaanderen plaats voor intelligente en duurzame transport en logistiek.
Hierbij ligt de nadruk niet langer ligt op de rol van klein schakeltje in een wereldwijd containernetwerk, maar op het vervoeren van eigen productie en het bevoorraden van de eigen markt.
Stop het aansnijden van nog meer open ruimte, in de illusie het auto- en vrachtverkeer terug vlot te krijgen.
Het heeft weinig zin om, zoals bij het behandelen van een hartinfarct, enkele overbruggingen te plaatsen, indien de eet- en leefgewoonten van de patiënt niet drastisch verbeteren.
En tracht ‘onderbruggingen’ te maken, de toekomst is ondergronds.
Dirk Weyler - Red de Voorkempen
14-12-09
http://www.bloggen.be/weylerweyler/archief.php?ID=575635
- Tags:
- Nieuwsrubriek:
meer nieuws
meer opinies
- 1
- 2
- 3
- 4
- volgende ›
- laatste »




