Rechtszekerheid is blijkbaar voor bedrijven, niet voor bos

kade rechteroever

Wie doet Essers wat?

 

Straf is het wel, vindt Hendrik Schoukens: het transportbedrijf Essers lapt de milieuvoorwaarden voor een vergunning feestelijk aan zijn laars, en wordt daar nog voor beloond ook. Wanneer laat de Vlaamse regering die oude politieke cultuur achterwege?


Wie? Verbonden aan de UGent, waar hij de toepassing van internationaal en EU-milieurecht onderzoekt.

Wat? Het dossier-Essers is een schrijnende illustratie geworden van hoe mank het Vlaamse natuurbeleid loopt.

‘Hoe lang nog, Catilina, zul jij ons geduld op de proef stellen?’ De beroemde aanhef van Cicero klinkt vandaag verrassend actueel. Met name het vermaledijde Essers-dossier vertoont alle kenmerken van een klassieke tragedie, met in de hoofdrol minister van Milieu Joke Schauvliege (CD&V), die koste wat het kost de uitbreiding van het transportbedrijf binnen Europese topnatuur wil vergunnen. De Vlaamse regering moet blijkbaar rechtszekerheid bieden aan ondernemers, ook als zij eerder gemaakte afspraken en vergunningsvoorwaarden naast zich neerleggen.


 

Het was cabaretier Wouter Deprez die enkele maanden geleden de kat de bel aanbond, nadat natuurverenigingen eerder bezwaar hadden ingediend (DS 3 september 2015) en vragen hadden gesteld bij de wettelijkheid van de uitbreidingsplannen van Essers. Had het bedrijf immers in 2009, bij een eerdere uitbreiding, niet uitdrukkelijk beloofd dat het op die locatie niet verder zou uitbreiden? En stond in het effectenrapport niet vermeld dat ‘er geen verdere uitbreiding mogelijk is zonder significant negatief effect op het beschermd natuurgebied’?

Bovendien zouden zowel de eerste uitbreiding als de nieuwe plannen haaks staan op de Europese natuurrichtlijnen. Die stellen dat er geen vergunningen kunnen worden verleend voor schadelijke projecten bij Europese natuurgebieden, tenzij de uitzonderingsclausule toegepast wordt voor projecten van groot algemeen belang. Die strikte procedure is niet gebruikt in dit dossier.

 

Papieren compensaties

De gehanteerde handelswijze deed bij velen de wenkbrauwen fronsen. Eerst gaf Schauvliege niet thuis. Naar aanleiding van de commotie in de pers werd er zelfs een communicatiestop ingelast. De bezwaren zouden worden bekeken. Maar, belangrijker, de rechtszekerheid van het bedrijf moest worden gegarandeerd. Dat keert als een boemerang terug in het gezicht van Schauvliege, nu blijkt dat op de uitbreidingszone een mogelijk bouwmisdrijf rust (DS 18 januari) .

In 2008 kreeg Essers immers slechts groen licht voor zijn eerste uitbreiding onder uitdrukkelijke voorwaarde dat het de natuurwaarde van de aangrenzende 10 hectare zou opkrikken door ‘de bevordering van heide, open graslanden (landduinen) en eikenberkenbossen’. In totaal hadden duizenden nieuwe bomen aangeplant moeten worden, en dit ‘minimaal gelijktijdig met de (eerste) uitbreiding van het transportbedrijf’. Een juridisch wankele constructie, maar passons. Geen haan die daarnaar kraait als verder natuurverlies vermeden wordt.

Wat blijkt nu? Het gaat, zoals al te vaak in bouwdossiers, om papieren compensaties. Met het schaamrood op de wangen moest de minister eerder in 2015 al toegeven dat van die natuurinspanningen nog niet veel in huis was gekomen: ‘De uitvoering van het uitvoeringsplan heeft vertraging opgelopen, waardoor de vooropgestelde resultaten nog niet werden bereikt.’ Terwijl de bewuste hal 6 van Essers al een vijftal jaar in exploitatie is, is het nog steeds wachten op de extra natuur die het bedrijf had beloofd.

Net zoals u en ik wanneer we een vergunning verkrijgen, is ook Essers verplicht vergunningsvoorwaarden na te leven. In die zin was het bemoedigend dat de minister vorige week zelf bevestigde dat ‘het natuurherstel een voorwaarde van de stedenbouwkundige vergunning was’. Deze voorwaarden niet correct of niet tijdig uitvoeren maakt inderdaad een bouwmisdrijf uit en ook een inbreuk op de natuurwetgeving. De constructie moet dus als onvergund worden beschouwd, zolang de voorwaarde van het natuurherstel niet is vervuld.

Waarom blijft de handhaving van deze vergunningsvoorwaarden dan uit? Is de bestaande exploitatie van hal 6 nog wel wettig als de extra beloofde natuur er niet is? Waarop wacht de bouwinspectie om op te treden? Blijkbaar is de vrijwaring van Europese topnatuur nog altijd geen prioriteit.

 

Kafka²

De soap stopt zelfs daar niet. Want net die compensatiezone wil men met het voorliggende ruimtelijk uitvoeringsplan (RUP) inkleuren als nieuwe uitbreidingszone. U leest het goed: met het nieuwe RUP wordt net dat stuk bos vernietigd waar Essers jaren geleden al nieuwe natuurwaarden had moeten realiseren. Op die manier gaat niet alleen Europese ‘topnatuur’ definitief verloren, maar wordt naar alle waarschijnlijkheid ook een ‘bouwmisdrijf’ toegedekt. Il faut le faire: vergunningsvoorwaarden niet uitvoeren en daar ook nog beloond voor worden.

Door te antwoorden dat het alleen maar de rechtbank toekomt om te oordelen over het onvergunde karakter van de eerdere uitbreiding, kiest Schauvliege opnieuw voor de vlucht vooruit. Een formalistische benadering, die juridisch niet helemaal overtuigt. Want het is niet omdat een stedenbouwkundige inbreuk niet wordt vervolgd, dat het geen inbreuk is. Bovendien moet een overheid bij een RUP in elk geval de bestaande feitelijke en juridische toestand zorgvuldig beoordelen. Het is dan ook not done om een niet-uitgevoerde vergunningsvoorwaarde die essentieel was om de eerdere uitbreiding van het bedrijf verteerbaar te maken, zomaar te laten passeren. Al zeker niet in de context van Europees beschermd natuurgebied.

Hoe zinvol is het overigens om natuurcompensatiezones na amper vijf jaar opnieuw in te richten als bedrijventerrein? Natuur is geen blokkendoos. Het herstel van een bos duurt jaren, zelfs decennia. En is het algemeen belang gediend met een al te flexibele toepassing van de natuurwetten, waarbij eventuele bouwmisdrijven worden geregulariseerd?

Voor wie er nog aan zou twijfelen: het dossier-Essers is een schrijnende illustratie geworden van de vele tekortkomingen waaraan het Vlaamse natuurbeleid lijdt. Schimmige afspraken, onwettige plannen en gebrekkige handhaving. Die oude politieke cultuur stuit vandaag gelukkig almaar vaker op harde juridische grenzen. Veel eer valt er hier niet meer te rapen. Hopelijk ziet de Vlaamse regering dat ook snel in en stelt zij ons geduld niet langer op de proef. Met de beslissing dat de eerder beloofde natuurcompensaties correct zullen worden uitgevoerd.

Hendrik Schoukens
De Standaard 19-01-2016
http://www.standaard.be/cnt/dmf20160118_02075353

Tags: