Sjeiks beslissen over de Lange Wapper
Als de sense of urgency uitblijft, worden de uitdieping van de Westerschelde of de Lange Wapper misschien wel volstrekt overbodig
De Zijderoute was tot de dertiende eeuw de belangrijkste handelsroute van het Midden-Oosten tot diep in Azië. Ze is aan een forse heropleving toe, zo blijkt uit gebalde slagzinnen die we in Saudi-Arabië te horen kregen. Meer dan woorden getuigen de petrochemische en industriële complexen die in alle Golfstaten opduiken, van die ambitie. Ze zitten vlak bij de grondstoffen, hebben goedkope energie en de groeimarkten liggen ook vlakbij.
Nog maar vijf procent van de globale productiecapaciteit voor de zes belangrijkste energie-intensieve basisgrondstoffen - aluminium, ethyleen, polyethyleen, propyleen, styreen en staal - zit momenteel in de Golf. Alle producenten in de regio zijn echter vastberaden om dat percentage binnen de vijf jaar te vervijfvoudigen. Saudi-Arabië zit op 25 procent van de wereldoliereserves, maar produceert 2 procent van de afgeleide industrie. De sjeiks willen meer.
Ook zij ondergaan de onhebbelijkheden van de wereldcrisis en dus zal er wel wat vertraging op zitten, maar de marsrichting is aangegeven. En het zelfvertrouwen groot: er zullen nog heel wat herstructureringen volgen in de wereldmarkt, en alleen de meest competitieve spelers overleven - uiteraard waren al onze gesprekspartners er zeker van bij die laatste categorie te behoren.
Sceptici wijzen op het tekort aan binnenlands talent, en denken dat de sjeiks met hun grootse plannen dezelfde fouten maken als het Chinese politbureau door de kar voor het paard te spannen. Omdat ze gigantische productiecapaciteit neerzetten zonder dat de verwerkende industrie, laat staan de lokale markt, er rijp voor is. De volledige keten, van basisindustrie tot distributie van consumentenproducten, is nog te veel gefragmenteerd.
Dat kan. Maar beleidsmakers reageren dat al die belemmeringen worden aangepakt. Van opleidingen tot het stroomlijnen van inefficiënte bureaucratieën. In de Golf, waar staal en aluminiumproductie en het maken van onderdelen voor basisindustrieën 30 tot 40 procent goedkoper zijn dan in het westen, wordt creatief met die problemen omgegaan. De nieuwste technologie inkopen en waar nodig automatisering, is de minste kopzorg.
Welke gevolgen zitten hieraan vast voor onze petrochemieclusters rond Antwerpen en Rotterdam? Voor onze toeleveringsbedrijven, over tien tot twintig jaar? Heel snel worden nieuwkomers uit de opkomende economieën belangrijke spelers en concurrenten, zeker op onze verre exportmarkten. De meeste van onze bedrijfsleiders worstelen met die uitdagingen. En onze politici?
Als de sense of urgency uitblijft, worden de uitdieping van de Westerschelde of de Lange Wapper misschien wel volstrekt overbodig. Want door allianties van gelijkgestemden langs de nieuwe Zijderoute - tussen Omaanse en Chinese, Saudische en Indonesische nieuwkomers - ontwaken sneller dan verwacht geduchte tegenspelers. Lenig en behendig gaan ze de concurrentieslag aan.
Erik Bruyland
Trends 12-11-09
De kameel ontwaakt
Sjeiks kiezen westerse expertise voor diversificatiestrategie
Een derde van de petrochemische projecten in Saudi-Arabië ligt stil, maar er zitten zoveel megaprojecten in de pijplijn dat onze bedrijven contracten in de wacht slepen. Na de Aziatische tijgers, de Chinese draak en de Indiase olifant, komt de Saudische kameel op dreef.
Belgische contracten Minirevolutie Groeipolen voor ambitieuze kmo's
De Saudische bevolking groeit sneller dan de olieproductie, zodat de druk toeneemt om de economie en het sociale model te hervormen. Zestig procent van de Saudi's is jonger dan 25 jaar. De werkloosheid is hoog, het onderwijssysteem onaangepast om jongeren in een productieve bedrijfsomgeving gemotiveerd aan het werk te zetten.
Een grondige mentaliteitsverandering is nodig. Sinds zijn aantreden in 2005 doet koning Abdullah er dan ook alles aan om zijn land te moderniseren. Saudi-Arabië is bezig zijn overvloed aan goedkope energie plaatselijk te verwerken in gediversifieerde industrieën. Meer en meer halffabrikaten en kant-en-klare consumentenproducten rollen uit gigantische petrochemische fabrieken en industriecomplexen. Het fenomeen doet zich voor in alle Golfstaten.
Dagelijks pompt Saudi-Arabië negen miljoen olievaten op. Wat boven de kostprijs van drie dollar per vat uitstijgt, is pure winst: ruwweg 560 miljoen dollar per dag. Officieel zit Saudi-Arabië op een berg van 350 miljard dollar wisselreserves, de derde grootste na China en Japan. Het land kan de goedkoopste energiebronnen ter wereld aanwenden; onderzoekers, ingenieurs, top- en middelmanagement van bedrijven worden bijgeschoold in het buitenland; ontbrekende expertise kopen ze of wordt wereldwijd ingehuurd bij consultants.
Zolang de olieprijs rond 75 dollar het vat schommelt, kunnen de Saudi's jaarlijks 100 miljard dollar opzijzetten. De extra petrodollars wil koning Abdullah gebruiken om de eigen economische machtsbasis op het thuisfront te versterken.
Van Vancouver tot Houston, over Londen, Frankfurt, Moskou tot Peking en Tokio, staat de hele wereld te dringen aan de paleispoorten van de sjeiks. Wie een voet tussen de deur wil om een stukje van miljardencontracten in te pikken, moet topkwaliteit aanbieden. Tegen de scherpste prijs. De weg naar contracten is lang, wispelturig en onzeker. Maar kan uitermate lonend zijn voor wie de kunst van zakendiplomatie combineert met het serene uithoudingsvermogen van een woestijnkameel.
Saudi Aramco, de grootste producent ter wereld van ruwe olie, en Sabic (Saudi basic industries corporation) trokken de diversificatie naar gesofistikeerde producten op gang. Bestaande capaciteit voor energie- en kapitaalintensieve basisindustrieën wordt vergroot, terwijl langs de Arabische Golf en de Rode Zee additionele industriecomplexen uit het woestijnzand oprijzen.
In Marafiq werd tijdens een Belgische handelsmissie met meer dan honderd bedrijven eind vorige maand, de grootste gecombineerde centrale ter wereld voor het ontzilten van zeewater en elektriciteitsopwekking opgestart - een huzarenstukje dat Tractebel Engineering (GDF Suez) in minder dan twee jaar klaarde. De vraag naar elektriciteit in het koninkrijk zal tot 2020 jaarlijks met 6 procent toenemen.
Belgische bedrijven hebben al een stevige voet aan de grond. Onze baggeraars kijken opnieuw uit naar megaopdrachten: Jan De Nul won een contract voor het Manifa-olieveld dat op termijn 900.000 vaten per dag extra moet produceren, en Deme is kandidaat voor de diepzeehaven van King Abdullah Economic City (KAEC) bij Jeddah. Het bouwbedrijf Besix hoopt zijn prestatie met het hoogste gebouw ter wereld in Dubai hier over te doen. Sarens is op post met een tachtigtal reuzenkranen.
Ook tientallen kmo's uit de Carbon Energy Club van Agoria proberen hun ervaring als toeleverancier aan het petrochemiecomplex van de Antwerpse haven te valoriseren. Applitek deed de oplevering van controlesystemen voor afvalwater van het industriecomplex van Jubail; Barco installeerde bij Aramco controleschermen, honderd meter lang; Waterleau doet de waterzuivering van de heilige steden Mekka en Medina. CG Pauwels gaat in Dammam de grootste transformatorenfabriek van de regio bouwen.
SCK, Belgoprocess en Asso-ciation Vinçotte Nuclear zullen de Saudi's kerntechnologie voor burgerlijke toepassingen bijbrengen; het in nanotechnologie gespecialiseerde Imec sloot een partnership met het onderzoekscentrum Kaust, dat van Saudi-Arabië tegen 2025 een geavanceerde kenniseconomie wil maken. Belgische medische technologie, verenigd in de 'Healthcare Belgium' van het VBO, en andere vormen van kennisoverdracht zijn bezig de perceptie van Saudi-Arabië als het tankstation van de wereld bij te stellen.
Maar volgens prins Alwaleed Bin Talal Bin Abdulaziz Alsaud, een van de belangrijkste wereldwijde investeerders, "zijn nog heel wat horden te nemen om het politieke conservatisme los te koppelen van economische liberalisering". Want Saudi-Arabië mag dan wel een absolute monarchie zijn, Abdullah is geen absolute alleenheerser.
De 85-jarige hervormingsgezinde koning moet rekening houden met een schare bejaarde prinsen. Hij moet voortdurend compromissen sluiten met het behoudsgezinde religieuze wahabitische establishment. Dat komt neer op het welvaartsniveau van de bevolking opkrikken zonder het spirituele welzijn - volgens de meest strenge interpretatie van de islam - te verstoren. Die delicate evenwichtsoefening wordt vanuit extremistische hoek kritisch in het oog gehouden. Radicalen pleegden in 2003 bomaanslagen op binnen- en buitenlandse doelwitten. "Toen klonk het dat wij olie en terrorisme uitvoeren, sindsdien exporteren we olie en terrorismebestrijding", grapt sjeik Ahmed Gilan, die via officiële campagnes het militante extremisme wind uit de zeilen probeert te nemen.
Volgens optimisten vond begin dit jaar een minirevolutie plaats die aangeeft dat de belangrijkste economie van het Midden-Oosten zich in beweging zet: bij een regeringsherschikking in februari werden Justitie en Onderwijs onttrokken aan de invloed van de wahabieten en voor het eerst kreeg het land een vrouwelijke minister. Bij de mediagroep Rotana loopt een gedurfd experiment: mannen en vrouwen werken samen in dezelfde kantoren (zie kader: Vrouwvriendelijker).
Saudi-Arabië is een complex land: hervormingen geraken volgens een ongrijpbare wet in een stroomversnelling als de economie krimpt, maar worden soms teruggeschroefd als de olieprijs weer opveert. Om die onberekenbaarheid enigszins te neutraliseren, trad Saudi-Arabië in 2005 toe tot de Wereldhandelsorganisatie (WTO): invoerheffingen konden worden verlaagd, telecommunicatie en luchtvaartmaatschappijen geprivatiseerd. Onderhandelingen over een vrijhandelsakkoord met de Europese Unie botsen nog op technische modaliteiten en vooral op het deel 'mensenrechten'.
Maar in een poging om het land in de richting van meer mentale openheid te sturen, trekt de regering 200 miljard dollar uit voor de bouw van vier megasteden met bijhorende industrieën, waar de vrije markt voluit moet kunnen spelen. Hervormers hopen zo een mentale versoepeling op gang te trekken. Een gespreide verstedelijking, weg van Riyad, zou de greep van de conservatieven op de samenleving helpen uithollen. Volgens de enen is dat een geniale strategie; volgens sceptici een gewaagde gok.
Alleen dit jaar al zouden er twintig elektriciteitscentrales en ontziltingsinstallaties bijkomen, 1500 scholen en 86 klinieken. De nieuwe megasteden zullen hoofdzakelijk met privégeld gefinancierd worden en tewerkstelling creëren: het aantal inwoners verviervoudigde de jongste dertig jaar.
King Abdullah Economic City (KAEC) ten noorden van Jeddah, een geplande investering van 20 miljard euro, zal de grootste zijn. Met een diepzeehaven, basispetrochemie, arbeidsintensieve verwer- kende industrie, technische en wetenschappelijke vormingsinstituten, een modern financieel district en de nodige transportinfrastructuur voor de bewoners van 25.000 nieuwe woningen - van exclusief duur rondom golfterreinen en recreatie- gebieden, tot goedkopere arbeiderswoningen. Fa Quix, general manager van de federatie voor textiel- en meubelindustrie Fedustria, ziet een gigantische afzetmarkt voor Belgisch geo-textiel en interieurdecoratie openvallen.
Ten zuiden van Jeddah koestert Jazan Economic City dezelfde ambities. Nog aan de Rode Zee, een van de drukste zeeroutes ter wereld, moet Prince Abdul Aziz bin Mousaed Economic City (Pamec) het grootste logistieke centrum van het Midden-Oosten worden; een paar honderd kilometer verderop, in Medina, is een 'kennisstad' gepland.
Maar voor Saudi's is het beste niet goed genoeg. "We nodigen bedrijven uit de hele wereld uit om het voortouw te nemen", zegt een woordvoerder van KAEC. Voor de goede verstaander: "Kom snel met toptechnologie en de beste producten. Wij bieden in ruil goedkope energie, vlotte financieringen en een waaier interessante tegemoetkomingen." (Zie kader: Bedrijfsvriendelijker)
Het lijkt aanlokkelijk, maar plaatst onze kmo's voor enorme uitdagingen. Want om succesvol te zijn, volstaat het niet dat westerse bedrijven een betrouwbare contactpersoon vinden die hun zaak bepleit en vooruithelpt tegen concurrenten uit de hele wereld. "De Saudi's laten duidelijk verstaan dat een lokale vestiging een pluspunt is", merkt Pierre Struyf, managing director van het gelijknamige familiebedrijf op. Struyf voelt als toeleverancier van warmtewisselaars aan de reuzen uit de petrochemieclusters van Antwerpen en Rotterdam zijn traditionele thuismarkt opdrogen. "De markt zit hier."
Hamon Thermal uit Drogenbos heeft na enkele engineeringcontracten in Jubail een Saudische fabriek neergezet. De fabriek voor industriële luchtkoelers is al twee jaar klaar, maar nu pas stromen de eerste bestellingen van Sabic binnen. Kmo's moeten dus ook nog een sterke ruggengraat hebben om perioden van onzekerheid te overbruggen.
Erik Bruyland in Saudi-Arabië
Trends 12-11-09
- Tags:
- Nieuwsrubriek:
meer nieuws
meer opinies
- 1
- 2
- 3
- 4
- volgende ›
- laatste »




