Te veel roet vraagt ander autogedrag

kade rechteroever

WAAROVER GAAT HET, HOE PAKKEN WE HET PROBLEEM AAN EN WAT IS DE STAND VAN ZAKEN? IN DIT NUMMER: ROET

De roetdeeltjes die dieselvoertuigen uitstoten, vormen een risico voor onze gezondheid. Jaarlijks sterven wereldwijd twee miljoen mensen vroegtijdig door het inademen van roet. Van de Wereldgezondheidsorganisatie kreeg het vorig jaar zelfs het etiket kankerverwekkend’. Hoe krijgen we roet onder de knoet?

Wat is roet?

Roet is een specifieke soort fijn stof die ontstaat door onvolledige verbranding van koolstofhoudende brandstoffen. Dat kunnen vloeibare brandstoffen zijn zoals diesel, maar ook vaste brandstoffen zoals hout of steenkool. Roet wordt vooral door dieselmotoren uitgestoten: auto’s, schepen, treinen en generatoren.

De wetenschappelijke naam van roet is elementaire koolstof of

black carbon. Fijn stof bestaat in Vlaanderen gemiddeld voor 5 procent uit roet, maar de lokale verschillen zijn groot. In een drukke, stedelijke omgeving kan het gehalte tot vier keer hoger liggen dan in het buitengebied.

Hoe gevaarlijk is roet?

In 2012 klasseerde de Wereldgezondheidsorganisatie (WGO) dieselroet als kankerverwekkend. De WGO baseerde die beslissing op grootschalig onderzoek over meerdere jaren dat de link tussen dieselroet en kanker aantoonde. Daarnaast wordt roet ook in verband gebracht met hart- en vaatziekten, klachten aan de luchtwegen en astma.

Uit recente wetenschappelijke studies blijkt dat roet ook een rol speelt in de klimaatverandering. Zwarte roetdeeltjes absorberen immers zonlicht en hebben dus een opwarmend effect.

Hoe krijgen we het onder controle?

We slijten te veel uren in de auto. In 2010 reden we in Vlaanderen met z’n allen maar liefst 64 miljard kilometer. Dat is 7 procent meer dan in 2000, blijkt uit het Milieurapport 2011. Het aantal auto’s steeg in die periode zelfs met 15 procent. De auto wat vaker op de oprit laten staan en kiezen voor andere, meer milieuvriendelijke vervoerswijzen is de meest effectieve maatregel om roet terug te dringen. Het is ook beter om geen hout te verbranden. Houtverbranding draagt immers sterk bij tot de roetconcentraties in de lucht.

De Europese Unie legt grenswaarden op voor de vervuilende uitstoot van voertuigen. Door de Euro 5-norm zijn alle nieuwe dieselwagens die sinds 1 januari 2011 op de markt zijn gebracht, uitgerust met een roetfilter. Die houdt de fijne stofdeeltjes voor meer dan 90 procent tegen en laat uitlaatgassen door. Enkel met roetfilter voldoen dieselwagens aan de Euro 5-norm.

De Vlaamse overheid koos er bij de hervorming van de verkeersbelasting in 2012 voor om rekening te houden met de milieu-kenmerken van het voertuig. Door de belasting op inverkeerstelling (BIV) niet enkel te bepalen op basis van de CO2-uitstoot, maar ook de uitstoot van fijn stof, het brandstoftype en de Euronorm, werden dieselwagens financieel minder aantrekkelijk dan benzinewagens. Een dieselwagen stoot per kilometer minder CO2 uit, maar meer fijn stof en stikstofoxiden. De overheid wil de bevolking aanzetten om voor een schone wagen te kiezen, waarbij zowel met het klimaat (CO2) als met gezondheid (luchtverontreiniging door fijn stof en stikstofoxiden) rekening wordt gehouden. Met resultaat: in 2012 kochten de gezinnen in Vlaanderen voor het eerst meer nieuwe benzine- dan dieselwagens. Een belangrijke kanttekening: bedrijfswagens zijn nog altijd vooral dieselauto’s.

 

ATMOSYS

Voorspellingssysteem voor luchtkwaliteit focust ook op roet

 

Hoe kunnen we de luchtkwaliteit in erg vervuilde gebieden of ‘hotspots’ voorspellen? Hoe integreren we roet in zo’n voorspellingssysteem? En hoe brengen we die informatie op een gebruiksvriendelijke manier tot bij de beleidsmakers? Die vragen gaat het Europese Life+-project ATMOSYS te lijf. David Roet van de VMM schetst de contouren.

Wat is het doel van ATMOSYS?

“De luchtkwaliteit in Vlaanderen is er de voorbije twintig jaar aanzienlijk op vooruitgegaan. Toch haalt Vlaanderen de Europese normen voor fijn stof en stikstofdioxide (NO2) niet overal. In een zestigtal meetstations verspreid over Vlaanderen volgt de VMM de meest uiteenlopende vervuilende stoffen continu op. Met het ATMOSYS-project willen de VMM, de Intergewestelijke Cel voor het Leefmilieu (IRCEL) en de Vlaamse Instelling voor Technologisch Onderzoek (VITO) een geavanceerd en uitgebreid voorspellingssysteem voor luchtkwaliteit ontwikkelen. Dat is gekoppeld aan een internetplatform om de resultaten voor een breed publiek te ontsluiten. Een belangrijke meerwaarde ten opzichte van bestaande luchtkwaliteitssystemen is dat ATMOSYS ook scherpstelt op de verspreiding van roet.”

Welke metingen waren nodig om het voorspellingssysteem klaar te stomen?

“Met de gegevens van de bestaande meetstations kunnen we de globale luchtkwaliteit bepalen. Maar voor specifieke situaties is dat niet altijd voldoende. Daarom voerde de VMM bijkomende metingen uit op verschillende locaties in steden en bij een snelweg. Een jaar lang maten we stikstofdioxide en fijn stof, waaronder roet. Dat deden we in Gent, Brugge, Antwerpen en Oostende, telkens op drie verschillende types van locaties: een invalsweg, een stedelijke achtergrond en een street canyon. Dat is een smalle straat die omgeven is door hoge gebouwen, waardoor vervuilende stoffen er meer blijven hangen.”

Wat leerden de metingen?

“De meetcampagnes gaven een goed beeld van de schommelingen in de luchtkwaliteit: winter versus zomer, invalsweg versus street canyon en stedelijke locatie, van stad tot stad, enzovoort. In street canyons was de concentratie aan fijn stof en NO2 significant hoger. We overschrijden er de Europese daggrenswaarde voor fijn stof en jaargrenswaarde voor stikstofdioxide geregeld. Bovendien doet autoverkeer ook het mineraal stof opwaaien. Dat is vooral afkomstig van opwervelend bodemstof, afgesleten banden, remmen en koetswerk. Autoverkeer draagt dus niet alleen via de uitlaatgassen bij tot een mindere luchtkwaliteit, ook het gebruik van de wagen speelt een rol.”

“Al die gegevens integreren we nu in onze luchtkwaliteitsmodellen. Daarnaast registreerden we de concentraties van polluenten op verschillende afstanden tot de snelweg. Zo krijgen we inzicht in hoe concentraties van onder meer fijn stof en roet afnemen naarmate je verder van de snelweg meet. Die inzichten gebruikt VITO om de luchtkwaliteitsmodellen verder te ontwikkelen.”

Welke resultaten levert het project straks op?

“Om de resultaten van de luchtkwaliteitsmodellen gebruiksvriendelijker te maken ontwikkelen we nu een internetplatform. Dat moet tegen eind 2013 klaar zijn. Het systeem zal de luchtkwaliteit kunnen voorspellen voor een aantal opeenvolgende dagen. Vooral experts en beleidsmakers kunnen de toepassing gebruiken om trends over bijvoorbeeld een heel jaar te analyseren. We passen ATMOSYS eerst toe in Vlaanderen, maar het systeem kan later gebruikt worden voor hotspots in heel Europa.”

Meer info: www.atmosys.eu

 

Verrekijker- VMM juni 2013 pag. 22-23

Tags: