VAB wil beter onderzoek naar rekeningrijden

kade rechteroever

VAB heeft vragen bij het onderzoek naar rekeningrijden
 
De Vlaamse regering wil met een proefproject het slimme rekeningrijden promoten. VAB merkt echter op dat de huidige test een aantal fundamentele tekorten bevat om tot een gegronde en eenduidige conclusie te komen. De discussie over rekeningrijden moet gevoerd worden op basis van eerlijk en wetenschappelijk verantwoord onderzoek.
 
Belgen zijn echte kilometervreters. Gemiddeld legt een autobestuurder in België 7.646 km per jaar af, in Europa is dit 6.622 km en in Nederland slechts 6.153 km. Om dat gedrag te veranderen zijn grote inspanningen nodig. De autofiscaliteit baseren op het gebruik van de wagen in plaats van het bezitten van een wagen lijkt een oplossing. Een wegenvignet is geen “slimme” heffing omdat ze belast onafhankelijk van het aantal gereden kilometers. Ook de kilometerheffing zoals we die kennen op Franse snelwegen is niet slim want houdt geen rekening met uitstoot of tijdstip. De toegangstaks die je betaalt als je een congestiezone binnen rijdt,  zoals in Londen, is momenteel het enige intelligente systeem. Het succes is afhankelijk van twee factoren: een correcte prijszetting en een goed aanbod van zinvolle alternatieven. Ontbreekt dit, dan is deze taks gewoon een extra belasting.
 
De Vlaamse regering wil nu een proefproject starten met 1000 automobilisten. Een onderzoek naar het gedrag van bestuurders is inderdaad de juiste manier om conclusies te trekken, alleen moet dat onderzoek dan wel correct gebeuren en daar wringt het schoentje. De gedragsmeting loopt over amper 8 weken. Deze termijn is veel te kort om een gedragsverandering te constateren. Zo krijgt wie tijdens de proef de spits vermijdt een financiële bonus. Als de test maar 8 weken duurt zullen heel wat automobilisten bereid zijn deze inspanning te leveren om zo een extraatje te verdienen. Maar zouden ze dit ook doen op langere termijn? Daarnaast wordt niet onderzocht of er alternatieve vervoersmiddelen voorhanden zijn, en waarom die eventueel niet gebruikt worden. Verder is het onderzoek eenzijdig gefocust op de woon-werk verplaatsingen. Er wordt bijvoorbeeld niet uitgefilterd naar het verplaatsingsmotief, terwijl in het spitsverkeer ook recreatief verkeer zit.
 
Uit onderzoek van VAB en Traject blijkt dat 1 op 2 spitspendelaars geen aanvaardbaar alternatief heeft voor de auto, en dus noodgedwongen geconfronteerd zal worden met de kost voor rekeningrijden. De vraag is wie deze extra kost zal betalen. Verwacht wordt dat wie over een bedrijfswagen beschikt met zijn werkgever zal onderhandelen. Voor wie zijn privéwagen gebruikt voor het woon-werkverkeer is de onderhandelingspositie zwakker. Waarschijnlijk legt de vakbond de kost van rekeningrijden op de onderhandelingstafel. Er zijn dus heel wat zaken die moeten bekeken worden en dus moet het onderzoek naar rekeningrijden veel breder bekeken worden. Een tendentieuze proefopstelling zoals die nu door de Vlaamse regering wordt voorgesteld doet vragen rijzen over de intenties van het beleid. Blijkbaar moet de conclusie kost wat kost zijn dat rekening rijden dé oplossing is voor onze mobiliteitsproblemen. VAB wil rekeningrijden niet bij voorbaat in de vuilbak schuiven, maar wil wel een correct en diepgaand onderzoek.

- januari 2014 -
http://www.vab.be/nl/nieuws/2014/1/31/rekeningrijdentest

Tags: