We moeten het goede leven heruitvinden

kade rechteroever

Telewerk moet je niet doen voor het milieu, besluiten Leuvense onderzoekers van Transport & Mobility. Wat je wint door minder naar het werk te rijden, verlies je door meer elders rond te rijden. Onze mobiliteit lijkt op water dat hoe dan ook zijn weg zoekt. Er zal nooit minder van zijn, omdat wij kennelijk au fond niet veranderen. Voor altijd in de file. Dat vooruitzicht klinkt gelaten. Maar het moet ons boos maken.

Want uit die Leuvense studie besluiten dat we het hele thuiswerken dan maar moeten vergeten, is natuurlijk te gek. Elke maatregel op zichzelf haalt niet veel uit. Wat we nodig hebben, is een omwenteling van hoe we leven en bewegen. Het is zoals bij diëten: het effect van lightproducten of een tijdelijk dieet is zo uitgewerkt. Een volledig nieuw eetpatroon is nodig, een ander idee van goed eten, van genot aan tafel en van eerlijke voeding. Discussies over calorieën of vetten en suikers brengen ons daar niet. We moeten het goede leven heruitvinden.

Het is tekenend dat de nieuwe directeur van het Europees Milieu Agentschap, de Vlaming Hans Bruyninckx, geen klimaatwetenschapper is maar een politicoloog. ‘We moeten de transitie naar een compleet ander systeem maken’, zegt hij in een interview verderop in deze krant. Dat is een politieke opdracht. We mogen de ontploffingsmotor nog veel zuiniger maken, we mogen elektrisch gaan rijden, we blijven in de file. Discussie over minder CO2 en fijn stof zal ons niet redden. We spreken over klimaat in de verkeerde taal.

Bruyninckx woont en werkt nu in Denemarken, een land dat niet zoveel verschilt van België. Maar Kopenhagen kent amper files. De helft van de verplaatsingen gebeurt er met de fiets. Openbaar vervoer rijdt met hoge frequentie 24 op 24. Het water en de lucht zijn er zuiver. Tegen 2025 wil de stad klimaatneutraal zijn. Het leven is er een pak aangenamer. Levenskwaliteit is er de cruciale maatstaf, te beginnen bij gezondheid en een natuurlijk leven.

Aanschuivend in de file denkt u daar wellicht ook vaak over na, dat het zo geen leven is. Dat is een waardevolle gedachte. Ze kan politiek worden. Wij zijn niet voorbestemd om stil te staan, zowat de slechtste lucht van Europa te ademen, onszelf de minst ambitieuze CO2-doelstellingen van Europa op te leggen. We kunnen ons heus iets anders voorstellen bij het goede leven.

Dus rijst de vraag wat die Denen kunnen wat wij niet kunnen. Hun overheid maakt radicale keuzes, houdt die op lange termijn vol, werkt transparant, scheidt expertise van politiek en is betrouwbaar. Misschien een idee voor 25 mei.

De Standaard 08-02-2014
http://www.standaard.be/cnt/dmf20140207_00970019

‘De kans om het tij te keren, wordt snel kleiner’
Interview - Vlaming is een van de invloedrijkste milieuambtenaren van de EU

 

Het klimaatplan van Europa zal niet volstaan om de opwarming van de aarde te stoppen. Dat zegt de kersvers directeur Hans Bruyninckx van het Europees Milieu Agentschap. We zochten hem op in de groenste stad van Europa. ‘Kopenhagen bewijst dat het wél anders kan.’

Het leven in de Deense hoofdstad bevestigt wat de Vlaamse professor milieubeleid Hans Bruyninckx jaren aan zijn studenten doceerde: een intelligent groen beleid komt niet alleen het milieu ten goede, maar maakt ook het leven een pak aangenamer. Bruyninckx hoeft geen auto meer. Hij woont in een nieuwe ecologische stadswijk in gesaneerd havengebied en gaat elke dag per boot werken in het statige kantoor van het Europees Milieu Agentschap in het hart van de oude stad. Andere verplaatsingen doet hij per fiets of het openbaar vervoer. Bijna vijftig procent van het woon-werkverkeer in de Deense hoofdstad gebeurt met tweewielers en de stad is dooraderd met parken en kraakhelder water waarin inwoners ’s zomers een duik kunnen nemen. Niet voor niets is Kopenhagen de groene hoofdstad van Europa – tegen 2025 wil de stad klimaatneutraal zijn.

 

‘Laaggelegen gebieden komen onder water te staan en de mediterrane regio wordt woestijn. Dat is de wereld waarin de kinderen die vandaag worden geboren, oud zullen worden’

 

Acht maanden is het nu geleden dat Hans Bruyninckx directeur werd van het Europees Milieu Agentschap (EMA). Zo is hij een van de invloedrijkste milieuambtenaren van de Europese Unie geworden. Het EMA verzamelt in 39 landen alle mogelijke milieugegevens, van vleermuizenpopulaties over luchtkwaliteit tot de netheid van zeewater in badplaatsen. Ze vertellen politici wat hun milieubeleid oplevert, of hoezeer het tekortschiet. ‘Maar in de toekomst willen we meer investeren in geïntegreerde analyses. We gaan luchtkwaliteit koppelen aan mobiliteitsstatistieken, of gezondheidscijfers. Willen we het ecologische denken algemeen ingebed krijgen in het beleid, volstaat het niet de daling van het aantal vervuilende partikels te meten, maar moeten we ook het effect van maatregelen en de impact op het welzijn van mensen tonen. Het maakt een groot verschil of betere luchtkwaliteit te danken is aan betere roetfilters in auto’s, dan wel doordat meer mensen de fiets gebruiken. Want het is ondertussen duidelijk dat Europa zijn milieudoelstellingen niet zal halen met louter verbetering van de efficiëntie van ons consumptie- en productiemodel. We moeten de transitie naar een compleet ander systeem maken. Het EMA wil als kenniscentrum mee de richting aanwijzen.’

 

‘China kan zijn bevolking niet blijven verkopen dat een mondmasker tegen luchtvervuiling vooruitgang is’

 

U hamert erop dat we er met efficiënter energieverbruik niet geraken, maar een nieuw model nodig hebben. Is dat geen politieke stellingname?

‘Dat zijn feiten. We kunnen de ontploffingsmotor zo zuinig mogelijk maken, of zelfs allemaal elektrisch gaan rijden. Maar dan nog zullen we allemaal samen in de file staan als we vasthouden aan individueel autogebruik. Transitiedenken betekent dat we onze mobiliteit aanpassen aan de limieten van de aarde. Of onze landbouw en voedselconsumptie.’

‘De Europese Unie is het daarmee eens. Haar zevende milieuactieplan heeft tot doel “goed leven” te garanderen binnen de beperkingen van de planeet. De Unie erkent dat onze huidige productie en consumptie niet duurzaam zijn.’

Systeemverandering botst op veel meer weerstand dan efficiëntieverbetering.

‘Bedrijven die zich niet kunnen aanpassen, zullen verliezen. Firma’s die bijvoorbeeld de beperktheid van fossiele brandstof aanvaarden, worden intellectueel en technologisch koploper. Bij grote ondernemingen dringt het besef door dat transitiedenken een uitdaging biedt om zichzelf opnieuw uit te vinden. We zullen evolueren van een bezitseconomie naar een diensteneconomie. Vandaag koopt ieder zijn eigen auto. In de toekomst zullen we mobiliteitscontracten kopen. Mijn collega gebruikt in de stad een kleine elektrische wagen, maar in zijn contract is het gebruik van een grotere wagen inbegrepen wanneer hij die nodig heeft. Dat is al een stap in de goede richting.’

Vlaanderen en België zetten maar heel kleine stapjes in de goede richting. In jullie rapporten behoren we vaak tot de minder goede leerlingen van de klas.

‘Het verkeer staat stil, de luchtkwaliteit is slecht en de doelstellingen voor hernieuwbare energie die België heeft vooropgesteld, behoren tot de laagste van Europa. En de kloof om ze te halen tot de grootste.’

‘Denemarken, daarentegen, had samen met Duitsland voor zichzelf de hoogste uitstootnormen vooropgesteld. Ook op het vlak van hernieuwbare energie loopt Denemarken voor op elk ander Europees land. Men beschouwt milieutechnologie hier als een belangrijke economische groeisector. Én als een competitief voordeel. Inzake windmolens en milieuconsulting behoort Denemarken tot de wereldtop.’

Heeft Denemarken dan zoveel meer middelen om die transitie te maken dan Vlaanderen of België?

‘Het overheidsbeslag in Scandinavië is niet zo veel groter meer dan in België. Maar er is hier wel een sterkere langetermijnvisie op levenskwaliteit. Gezondheid, sport, natuurlijk leven, ecologie,... zitten in de Deense cultuur ingebakken.’

‘De bestuurscultuur is ook anders. Men plant verder op voorhand, kabinetten zijn kleiner, de besluitvorming is transparanter en er is een rationelere scheiding tussen het werk van experts en de politiek. De hele saga van de ring van Antwerpen is het tegendeel van hoe men in Denemarken zulke projecten aanpakt.’

‘Nochtans zijn ook in Vlaanderen de recepten voor een betere mobiliteit bekend en berekend. Maar al die goede ideeën botsten op belangen of bestuurlijke organisaties die duurzame keuzes bemoeilijken. Temeer omdat de ruimtelijke ordening totaal versnipperd is. Het is heel moeilijk om op de schaarse Vlaamse ruimte kwalitatief vervoer te organiseren, of wonen en werken beter te koppelen.’

Vlaanderen heeft nochtans de troeven om koploper te zijn in milieutechnologie. We hebben goede universiteiten, sterke bedrijven, kapitaal,...

‘Er zijn initiatieven genomen om innovatie en onderzoek meer in de groene richting te sturen. Maar in Scandinavië is dat vroeger gebeurd, radicaler en op veel grotere schaal. Men heeft hier echt de strategische bocht gemaakt. Terwijl Vlaanderen veel minder uitgesproken keuzes blijft maken.’

Europa heeft ook de strategische keuze gemaakt, op papier althans. Tegen 2050 wil de Unie bijna koolstofarm zijn. Daartoe wil ze tegen 2030 40 procent minder CO2-uitstoot en 27 procent hernieuwbare energie, aldus het recente klimaat- en energieplan van de Commissie. Maar zal dat volstaan om de opwarming van de aarde onder de fatale twee graden te houden?

‘Neen. Zelfs als Europa tegen 2030 de CO2-uitstoot met 90 procent vermindert, dan nog heeft dat geen impact op die doelstelling van twee graden als de rest van de wereld niet volgt. Uiteindelijk is Europa maar verantwoordelijk voor zo’n 12 procent van de totale uitstoot van broeikasgassen.’

‘Alle wetenschappelijke modellen wijzen op de enorme kloof tussen wat moet gedaan worden om de opwarming onder de twee graden te houden, en wat landen effectief doen. De kans om het tij te keren, wordt in versneld tempo kleiner.’

‘Er is dus alle reden om zeer bezorgd te zijn. De projecties van een wereld die tegen 2100 drie tot vier graden warmer wordt, zijn dramatisch. Laaggelegen gebieden komen onder water te staan en de mediterrane regio wordt woestijn. Dat is de wereld waarin de kinderen die vandaag worden geboren, oud zullen worden. Een wereld vol onzekerheid, chaos, conflicten en klimaatvluchtelingen.’

Zelfs in zijn eigen ambitie – 80 tot 95 procent reductie tegen 2050 – schiet het nieuwe Europese klimaatplan tekort.

‘We zitten net op het minimale traject dat de Commissie enkele jaren geleden naar voor schoof voor 80 procent reductie. Beter is op dit moment politiek niet haalbaar in Europa.’

‘Ik begrijp de kritiek van ngo’s dat de inspanning niet volstaat in het licht van de globaal nodige inspanningen, maar Europa is wel het enige continent dat transparante bindende afspraken maakt over CO2-reductie. Geen enkel ander industrieland doet dat.’

De cynicus vraagt zich dan af wat voor zin het nog heeft dat Europa zich aan zijn klimaatplan houdt?

‘Europa moet blijven aantonen dat economische performantie en milieudoelstellingen elkaar niet tegenspreken. Dat, integendeel, het aanvaarden van de grenzen van de planeet de weg opent naar innovatie en competitiviteit.’

Maar maakt het nog iets uit?

‘Het maakt heel veel uit. Europa bewijst dat multilateralisme werkt. Het bewijst dat groene innovatie tot resultaten leidt. En het beseft dat als we economisch performant willen blijven in een hyperconcurrentiële globale context, het alleen op energie-efficiënte manier zal kunnen.’

‘We willen niet onze lonen verlagen tot het niveau van lageloonlanden. We beschikken niet over grote voorraden fossiele brandstoffen. We moeten dus wel technologisch vooroplopen.’

Geen land loopt zo voorop als Duitsland. Maar de ‘Energiewende’ staat onder druk. Ze is duur en ondermijnt de concurrentiepositie. Paradoxaal genoeg stijgt de CO2-uitstoot, omdat de sluiting van kerncentrales deels wordt opgevangen door bruinkoolcentrales.

‘Die lichte stijging is een tijdelijk fenomeen, na een lange periode van snelle daling van CO2-uitstoot. De laatste projecties wijzen uit dat de dalende trend voortgezet wordt.’

‘Dat de Energiewende duur is, geldt alleen op korte termijn. Op lange termijn is de omschakeling op hernieuwbare energie dat niet. De kost van nietsdoen zal veel hoger uitvallen, wanneer de gevolgen van de klimaatopwarming zich laten voelen.’

De energiekost laat zich des te harder voelen bij Europese bedrijven sinds de VS schaliegas aanboren.

‘De VS raken opnieuw goedkoper aan gas, maar ze blijven daardoor wel langer opgesloten in een fossiele economie die hoe dan ook haar limieten heeft. De baten van schaliegas zijn van korte duur.’

‘Zij die denken dat Europa zonder meer het Amerikaanse model kan volgen, vergissen zich. Geologisch, ecologisch en sociaal is de context hier anders. Het is riskanter, duurder en moeilijker om in het dichtbevolkte Europa schaliegas te ontginnen dan in de VS.’

Afblijven dus, vindt u.

‘De eventuele winst op korte termijn dreigt veel tijdsverlies op te leveren voor de koolstofarme samenleving die we sowieso moeten realiseren.’

Na twintig jaar onderhandelen staan we nergens, schreef u na de klimaatflop van Durban in 2011. Is er enige kans dat er in 2015 een definitief akkoord uit de bus komt?

‘Ja. Maar het zal belangrijk zijn om een eventuele deal zo te presenteren dat hij vormelijk en inhoudelijk aanvaardbaar is voor de twee grootste producenten van broeikasgassen, de VS en China. Een bindend internationaal akkoord dat niet door de Amerikaanse senaat geraakt, heeft geen zin. Daarom zal een deal voldoende engagement moeten bevatten om Europa te overtuigen, en tegelijk ver genoeg moeten blijven van een bindend verdrag om in China en Amerika aanvaardbaar te zijn. Dat wordt een heel dun koord om te bewandelen.’

Merkt u enige beweging in de positie van de VS?

‘Niet meteen bij de Amerikaanse publieke opinie. Wel bij de regering-Obama en bij een groot deel van de mensen die ertoe doen in de VS. En dan bedoel ik bepaalde grote bedrijven en machtige staten als Californië. Obama staat onder druk om vooruitgang te boeken.’

En China? De berichten zijn tegenstrijdig. Het land zou de ‘next green giant’ zijn, maar kampt tegelijk met hallucinante vormen van vervuiling.

‘Beide zijn waar. Alleen al om politieke en sociale redenen moet China de zware industriële pollutie aanpakken. Je kunt aan mensen niet blijven verkopen dat op straat lopen met een mondmasker tegen de luchtverontreiniging vooruitgang is.’

‘Tegelijk probeert het land technologisch helemaal mee te zijn met groene innovatie. Daardoor stijgt de CO2-uitstoot minder snel dan de economische groei, maar eigenlijk zou hij moeten dalen.’

‘De grote uitdaging voor China zal erin bestaan de uitstoot van broeikasgassen terug te dringen en tegelijk honderden miljoenen Chinezen betere leefomstandigheden te bieden. Het contrast tussen de soms degoutante luxe die je in de steden ziet en de onbeschrijflijke armoede op het platteland is stuitend. De grote onzekerheid is of het land zijn politieke en economische transitie kan waarmaken zonder de implosie die we in de Sovjet-Unie hebben gezien.’

Zal het nog iets uitmaken voor de kinderen die nu geboren worden?

‘Ja, een belangrijke grondstof waarover de mens beschikt, is zijn creativiteit. Die is globaal voldoende aanwezig om toch nog uitwegen te zoeken. Dat optimisme heb je nodig om in ons vakgebied te werken.’

‘Dat was ook mijn persoonlijke motivatie om voor een Europese instelling te gaan werken. Ik had kritisch aan de zijlijn kunnen blijven staan. Maar ik ben ervan overtuigd dat we met onze ideeën politieke en maatschappelijke denkbeelden kunnen veranderen.’

De Standaard 08-02-2014
http://www.standaard.be/plus/20140208/ochtend/25

Tags: