Waarom de tweede volksraadpleging over het BAM-tracé zeer belangrijk kan zijn voor onze democratie?

 

De laatste jaren ligt de democratie zwaar onder vuur. In een aantal landen en bij een aantal religieuze groepen vindt men het normaal om democratie en ook mensenrechten in vraag te stellen. Maar ook in eigen land is de kloof tussen burger en politiek steeds verder gegroeid. De twee belangrijkste momenten dat de burger zijn mening kan geven nl. verkiezingen enerzijds en een volksraadpleging of referendum anderzijds, lokken niet bepaald groot enthousiasme uit.

 

Verkiezingen zijn het gevolg van het bestaan van een representatieve democratie met volksvertegenwoordigers. Dat dit systeem beperkingen heeft, staat vast.


1. Dergelijk systeem heeft niet kunnen verhinderen dat wrede dictators via democratische verkiezingen aan de macht zijn kunnen komen, waarna ze er alles aan gedaan hebben (en nog doen) om de democratische vrijheden op te schorten om de macht te behouden.
2. Waar parlementen alsook ondergeschikte verkozen organen zoals provincieraden en gemeenteraden, telkens met hun regeringen, deputaties of colleges, zich wel kunnen handhaven, leeft toch niet altijd het gevoel dat deze mensen de kiezers echt vertegenwoordigen en het algemeen belang dienen. Partijpolitiek en de invloed van allerhande lobby’s en (vak)verenigingen tot en met de vervlechtingen met het bedrijfsleven en de financiële wereld, maken de parlementaire democratie kwetsbaar.

 

Referenda en volksraadplegingen liggen ook onder vuur. Het geval van de Brexit waarbij populisme en bedenkelijke stemmingmakerij geleid hebben tot een resultaat waarbij daags nadien een hele reeks mensen spijt hadden van hun stem, is een mooi voorbeeld van wat het niet mag zijn. Tegenstanders van referenda grijpen dit aan om te stellen dat deze vorm van directe democratie leidt tot polarisatie en dus niet wenselijk is. Dat in Zwitserland maar ook in een aantal Duitse deelstaten referenda meestal vlekkeloos verlopen en hier de pers zelfs niet halen, wordt over het hoofd gezien.

 

Of het nu gaat over een parlementaire democratie met of zonder referenda of volksraadplegingen, democratie kan pas werken als een aantal fundamentele voorwaarden voldaan zijn die we deels terugvinden in de geschriften van de Verlichting:


1. Er moet een rechtsstaat zijn die ieders rechten en vrijheden waarborgt en die onafhankelijk is van de politiek. Dit weten we van Montesquieu (De l’esprit des lois);
2. Er is de scheiding van religie en staat die hiermee samenhangt;
3. Er is de vrijheid van meningsuiting, eventueel met een paar beperkingen die discriminatie omwille van huidskleur, seksuele geaardheid of lichamelijke of geestelijke beperkingen uitsluit. Ik schrijf hier bewust ‘eventueel’ omdat humor bv. taboes mag en moet kunnen in vraag stellen;
4. Er is de persvrijheid. Deze is niet evident want (een deel van) de pers kan en mag gedeeltelijk ideologisch of partijpolitiek gebonden zijn en is tegelijkertijd een economisch product. Onafhankelijke onderzoeksjournalistiek is dus geen eenvoudige zaak. Een onafhankelijke openbare omroep is dus zeer belangrijk. Sociale media kunnen aanvullend zijn, maar houden ook veel gevaren in wegens het ontbreken van elke deontologie bij wie iets post.

 

Een bijzonder belangrijke voorwaarde is dat de burger opgeleid en doordrongen is van de rechten en vrijheden die hij heeft maar ook van de plicht die hij heeft om de democratie te laten voortbestaan. Het is immers in zijn belang dat zijn belastinggeld, dat de staat onafhankelijk maakt van mensen die ‘diensten zouden willen kopen   ̶  lees: omkopen  ̶  ‘, zo efficiënt mogelijk wordt besteed. Enerzijds zouden een behoorlijke kennis van het functioneren van onze maatschappij en onze instellingen en politieke discussies in het onderwijs moeten bevorderd worden, anderzijds zouden systemen moeten worden uitgedacht opdat burgers actiever meedenken over maatschappelijk relevante thema’s, zowel op microniveau (projecten die impact hebben op het leven in een buurt) als op het hogere niveau (zoals de problematiek van de Oosterweelverbinding).

 

Wijk- en buurtvergaderingen, officiële adviesraden zoals milieuraden en de commissies voor ruimtelijke ordening moeten ervoor zorgen dat de besluitvorming evenwichtig en transparant gebeurt, los van soms geldverspillende, politieke compromissen (de ‘achterkamertjespolitiek’). In dat opzicht is het spijtig dat de Vlaamse regering de Vlaamse Commissie voor Ruimtelijke Ordening heeft afgeschaft zodanig dat een onafhankelijk orgaan ontbreekt ter beoordeling van grote projecten. Positief is dan weer dat er een decreet ‘grote infrastructuurprojecten’ is gekomen wat nu voor het eerst zou worden toegepast op het Saeftinghedok.

 

Tot op heden echter is de besluitvorming inzake ruimtelijke ordening en natuur vaak een zaak geweest van enkele politieke leiders en belanghebbenden die samen iets in elkaar staken. Vervolgens werden de formele procedures voor participatie opgestart nadat een bevriend studiebureau ervoor gezorgd had dat het project er formeel goed uit zag. Burgers die reageerden waren ofwel te vroeg (‘Er is nog niets beslist’) of te laat (‘Alles is reeds beslist’) en bezwaarschriften werden meestal onder de tafel geveegd, tenzij ze voor de projectleider of –ontwikkelaar goed uitkwamen. Het Oosterweeldossier is samen met Uplace een type voorbeeld van hoe het tot nu toe (mis)gelopen is. De burger heeft in dergelijke situaties meestal weinig keus dan (peperdure) juridische procedures te beginnen terwijl de overheid dan vaak reageert met wetgeving die het de burger moeilijk moet maken om rechtszaken in te spannen.

 

De reactie van de politiek en enkele betrokkenen op de eerste volksraadpleging inzake de Oosterweelverbinding was tot nu toe ondermaats. De tweede volksraadpleging is dan ook een noodrem om duidelijk te maken dat, alle overkappingsintendanten ten spijt, het BAM-tracé nog steeds onaanvaardbaar is omwille van de intrinsieke (denk)fouten die er de grondslag van vormen. Maar ze is veel maar dan dat. Daar waar een bepaalde politieke kaste, gesteund en aangestuurd door machtige lobby’s nog steeds denkt dat ze met dergelijke projecten weg kan, moet de tweede volksraadpleging duidelijk maken dat de tijd van achterkamertjespolitiek nu echt wel voorbij is.

 

Een geslaagde volksraadpleging kan en moet een definitieve mentaliteitsomslag naar meer burgerparticipatie te weeg brengen. Deze is al enige tijd onderhuids bezig maar is, zeker op het hogere politieke niveau, nog steeds niet gerealiseerd. De enige verliezers van dergelijke omslag zijn enkele belangen die wel vaak de termen ‘maatschappelijk verantwoord ondernemen’ in de mond nemen, maar als puntje bij paaltje komt snelle winsten nog steeds belangrijker vinden. De winnaars zijn de burgers en de politici die samen de maatschappij van morgen vorm moeten geven, met respect voor elkaar. En primordiaal in onze complexe samenleving zijn daarbij de bevindingen van de wetenschappers, die bij de actiegroepen tot nu toe met meer ernst zijn behandeld dan door de eigengereide politici en hun entourage die het dossier Oosterweel tot op heden bestierden.

 

Een geslaagde volksraadpleging leidt tot het doorprikken van drog- en cirkelredeneringen waardoor alles stil staat. De stem van de Antwerpenaar wordt daardoor belangrijk voor heel Vlaanderen!

Juli 2016
Ivan Derycke

zie ook De ene volksraadpleging is de andere niet

Zorg jij mee voor 75.000 handtekeningen?

Een officiële petitielijst voor een gemeentelijke volksraadpleging kan enkel op papier ingevuld worden, surf daarom naar http://www.volksraadpleging-bamtrace.be en http://www.volksraadpleging-bamtrace.be/teken-hier/ voor meer info. 

 

Tags: