BAM werkt op maat van Oosterweel: the story goes on. Of ook: we zijn weer vertrokken…

BAM werkt op maat van Oosterweel: the story goes on. Of ook: we zijn weer vertrokken…

Overkapping van ring enkel in combinatie met Oosterweelverbinding uitgewerkt, niet met alternatieven

De Oosterweelverbinding overeind houden is al tien jaar de opdracht van BAM, kennislacunes in stand houden over alternatieven vormt hierbij vaste prik

Zo blijven correcte vergelijkingen tussen opties onmogelijk en regeringsbeslissingen navenant futiel en zinledig

Wanneer wordt deze cyclus eindelijk doorbroken?

 

De krant De Tijd berichtte gisteren dat de Beheersmaatschappij Antwerpen Mobiel (BAM) in september aan de Vlaamse regering een studie bezorgt waaruit moet blijken dat het overkappen van de Antwerpse ring mogelijk is in combinatie met de Oosterweelverbinding.

Het blijft ons verbazen dat de BAM erin slaagt om buiten, naast en na wettelijk voorziene inspraakprocedures binnenshuis fundamenteel onderzoek te laten uitvoeren over enkel het eigen project, terwijl dat soort onderzoek moet gebeuren binnen wettelijk voorgeschreven procedures waarin het eigen project vergeleken wordt met alternatieven. Daarvoor dienen net die procedures: om een correcte vergelijking tussen opties te garanderen.

Concreet: in december 2011 vroeg stRaten-generaal expliciet bij kennisgeving van het plan-MER Oosterweelverbinding dat het Meccanotracé zou worden bestudeerd in combinatie met een overkapping van de Antwerpse ring tussen Merksem (Groenendaallaan) en Berchem (station). De vraag werd genegeerd tijdens het plan-MER-onderzoek. Maar nu komt BAM nà het plan-MER-onderzoek doodleuk met een studie die deze overkapping wel onderzoekt enkel in combinatie met het eigen project.

Een technische, juridische, verkeerskundige (veiligheid + compatibiliteit met Ringland), ruimtelijke en financiële vergelijking tussen het overkappen met Oosterweel of met alternatieven wordt op deze manier vermeden. The story goes on: een correcte vergelijking van Oosterweel en alternatieven moet blijkbaar juridisch afgedwongen worden – wat we bijgevolg ook zullen doen, waarna politici en BAM voorspelbaar het opnieuw zullen hebben over ‘vertraging’.

We willen het hier nog eens uitdrukkelijk uitspellen: er is tot dusver slechts vertraging in het Oosterweeldossier in de mate dat BAM en de Vlaamse regering die zelf organiseren – en dat weet men daar stilaan. De vraag is: wanneer wordt eindelijk ook naar dit besef gehandeld?

Voor verdere uitleg over deze kwestie verwijzen we naar onderstaande passage uit het door stRaten-generaal op 14 augustus ll. ingediende bezwaarschrift bij het ontwerp-GRUP Oosterweelverbinding (pp.91-92):

 

2.5. Openbaar onderzoek

Het voorliggende plan-MER Oosterweelverbinding blijkt gelet op het bovenstaande onvolledig. Omdat het plan-MER procedureel een vereist document is bij het tot stand komen van het ontwerp-GRUP Oosterweelverbinding, moet worden geconstateerd dat tijdens dit openbaar onderzoek over het ontwerp-GRUP bepaalde relevante informatie niet is voorgelegd. Ook zijn bijkomende studies die zijn gevolgd op de beslissing van 14 februari 2014 niet mee ter inzage gelegd.

De keuze voor gedifferentieerde tol, zoals opgenomen in de regeringsbeslissing van 14 februari 2014, werd in het plan-MER enkel voor de Oosterweelverbinding onderzocht en niet voor bv. het Meccanotracé of Oosterweel-Noord. Daardoor ontbreekt ook de informatie over de impact van deze scenario’s op het vlak van luchtkwaliteit, geluid en gezondheid.

Na 14 februari werden alsnog post factum verkeersmodelleringen gemaakt voor de alternatieve scenario’s. Dergelijke informatie dient aangewend in het kader van de MER-rapportering, en minstens voorgelegd in dit openbaar onderzoek. Verder geeft het geen pas om de vastgestelde kennislacunes slechts half in te vullen en dit buiten de MER-procedure om  – zie ook onder 3. Voorbarigheid regeringsbeslissing. De impact van de doorrekeningen op de milieueffecten voor luchtkwaliteit, geluid en gezondheid blijft overigens onbekend.

Hetzelfde kan worden geconstateerd in verband met de kennislacune over het overkappen van het oostelijke deel van de Antwerpse ring in combinatie met de verschillende Scheldekruisingen. Onze vraag tot studie daarvan in het plan-MER werd niet gehonoreerd, waardoor in het plan-MER geen relevant studiemateriaal daarover is opgenomen. Maar blijkens de website van BAM (hoevlothet.nu) loopt er momenteel een onderzoek dat in kaart zal brengen welke stukken van het oostelijke deel van de Antwerpse ring overkapt kunnen worden in combinatie met de Oosterweelverbinding (gelezen op 11 juli 2014, bij de FAQ ‘Kan de Ring overkapt worden?’). De eerste resultaten van dit onderzoek worden – aldus de website – ‘deze zomer verwacht’. Ook dergelijke informatie dient voor te liggen in het kader van het MER-rapport, minstens in het kader van dit openbaar onderzoek.

Overigens vinden we het frappant dat zowel voor de gedifferentieerde tolheffing als voor het overkappen van de oostelijke ring deze eerder door ons bepleite onderzoeken pas na goedkeuring van het plan-MER gevoerd mochten worden. Het lijkt wel alsof eerst de alternatieven geëlimineerd moesten zijn (‘beslist beleid’) vooraleer deze volgende stappen mochten worden gezet. Eenzelfde bedenking kan worden geopperd bij het plotse opduiken van gegevens over 27 baanvakken op de Antwerpse ring bij de aanleg van de Oosterweelverbinding in mei 2014, zonder vermelding of effectmeting daarvan in het plan-MER.

 

Manu Claeys en Peter Verhaeghe, voor stRaten-generaal
 

Tags: