Uitspraak Raad voor Vergunningsbetwistingen pure Kafka

afbeelding

Persbericht stRaten-generaal

23 oktober 2012

 

Uitspraak Raad voor Vergunningsbetwistingen pure Kafka

Actiegroepen worden van het kastje naar de muur gestuurd
Niet de bouwaanvraag voor de Beverse gevangenis moet worden aangevochten, stelde de Raad voor Vergunningsbetwistingen op 17 oktober ll., wel het ruimtelijk uitvoeringsplan
Op 8 februari 2012 oordeelde de Raad van State echter dat net het omgekeerde het geval was: we moesten de bouwaanvraag aanvechten, niet het uitvoeringsplan
Dit is wel een heel slechte juridische grap
Gelukkig is er nog Europa

 

Wij vernemen via de pers dat de Raad voor Vergunningsbetwistingen een uitspraak deed i.v.m. onze vraag tot schorsing en vernietiging van de bouwvergunning voor de gevangenis van Beveren. De vraag werd verworpen.

Staatssecretaris Verherstraeten verstuurde daarover een persbericht in de loop van de middag.

 

Journalisten vragen ons of dit arrest van de Raad voor Vergunningsbetwistingen het einde van onze rechtsgang betekent.

Neen. Het Hof van Beroep van Gent moet nog een uitspraak doen.

Bovendien, en vooral, verwachten we de uitspraak van Europa.

 

Op 30 mei 2012 legden we bij Europa (Directoraat-Generaal Milieu) klacht neer i.v.m. het ontbreken van een MER-screening voor het bouwen van de gevangenis.

Europa is het meest aangewezen niveau om deze inbreuk aan te kaarten,

1. omdat de opmaak van milieueffectenrapporten onder de Europese regelgeving valt;

2. omdat de kwestie van mogelijk ruimtelijk conflict tussen het gevangenisgebouw en het Meccanotracé aan bod zal komen in een MER-screening (milieueffect van ene bouwproject op andere).

Begin juli heeft Europa een inbreukprocedure opgestart tegen de Vlaamse overheid, bij vaststelling dat onze klacht ontvankelijk was (‘serious indications of a breach’). Europa stelde Vlaanderen vragen over het ontbreken van de MER-screening. Begin september erkende bevoegd minister Muyters aan de Europese Commissie dat inderdaad geen MER-screening werd gemaakt.

We wachten nu op de uitspraak van Europa in dat verband. Normaal gezien vervalt de bouwvergunning, wanneer effectief geen MER-screening kan worden voorgelegd.

 

In verband met de Raad voor Vergunningsbetwistingen voelden we de bui al hangen. Zie ook ons persbericht van vanochtend, toen we nog niet wisten dat de Raad voor Vergunningsbetwistingen recentelijk een uitspraak had gedaan (het aangetekende schrijven bereikte ons pas vanmiddag).

Een rechtbank die 13 maanden tijd nodig heeft om de betwisting van een vergunning te beoordelen en inmiddels toestaat dat het betwiste bouwcomplex quasi volledig opgetrokken wordt (de gevangenisgebouwen zijn reeds winddicht!), daarvan wisten we al dat die wellicht geen uitspraak in ons voordeel zou doen. Door het vellen van een arrest uit te stellen tot het gebouw gebouwd is, heeft de Raad voor Vergunningsbetwistingen zichzelf in een discutabele positie gemanoeuvreerd. Welke rechtbank wil het verwijt krijgen ‘wereldvreemde’ oordelen te vellen?

De uitspraak van de Raad voor Vergunningsbetwistingen had er al in het voorjaar kunnen zijn, toen nog geen steen gemetseld was. Dan hadden we nog een faire kans gehad. Nu het gevangeniscomplex (op vier maanden tijd) er bijna volledig in ruwbouw staat, kan een rechtbank bijna niet anders dan welke vermeende overtreding dan ook door de vingers te zien.

 

De Raad voor Vergunningsbetwistingen doet dat in haar arrest door ons als verzoekende partij van het kastje naar de muur te sturen. Ze stelt dat ons bezwaar geen betrekking heeft op de bouwvergunning, maar wel op het gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan (GRUP). En dus is de vordering ‘ongegrond’. Op 8 februari 2012 oordeelde de Raad van State echter net het omgekeerde: we moesten ons richten tot de Raad voor Vergunningsbetwistingen, aangezien het bezwaar slaat op de bouwvergunning en niet op het GRUP. Pure Kafka: als beide gerechtsinstanties de hete brij naar mekaar toeschuiven, waar staan wij dan als vragers om een oordeel? Met lege handen, en zonder enige kans op een uitspraak ten gronde.

 

Betreurenswaardig is het ten slotte ook dat de Raad voor Vergunningsbetwistingen eveneens door de vingers ziet dat de bouwheer afspraken gemaakt voor de rechtbank heeft verbroken om een voldongen feit te kunnen creëren.

In februari 2012 beloofde de bouwheer ten overstaan van de Raad voor Vergunningsbetwistingen om te wachten met het opstarten van de bouwwerf tot de Raad voor Vergunningsbetwistingen een uitspraak heeft gedaan. Op 1 juni 2012 werd echter de eerste steen gelegd van het gevangeniscomplex. Pas nu is er een uitspraak.

 

Tegen dit soort overheidsgedrag sta je als burger machteloos.

Vraag is of een individuele burger zich dit soort gedrag zou mogen permitteren ten overstaan van een overheid: beloftes gedaan voor een rechtbank breken en er nog mee wegkomen ook.

 

Manu Claeys en Peter Verhaeghe,

voor stRaten-generaal

Tags: